Waar oneindigheid ontstaat

20 juni 2019

Jana Neirinck

Het was iets in die fonkelende ogen van je. Iets waardoor ik het meteen wist. Jij was degene met wie ik oud wilde worden. Al snel werd ik verliefd op elk klein detail van je. Op je houterige geur, op de kuiltjes in je wangen als je lachte. Op onze gesprekken, tot midden in de nacht. Je vertelde me hoe je baalde van al het onrecht in de wereld, dat je een nieuw thuis voor me zou vinden. Een plek waar onze kinderen zorgeloos zouden kunnen opgroeien, in een veilige en eerlijke wereld. Een plek waar we niet ouder zouden worden, en samen een oneindig leven zouden leiden. Je maakte plannen. En toen verdween je. Ik had er alles aan gedaan om je ervan te overtuigen gewoon bij me te blijven, maar je wilde niet naar me luisteren. Het idee dat je me moest redden uit deze wrede wereld, zat als vergif in je bloed gemengd.

Ik keek toe hoe de raket de lucht in schoot, hoe ik je kwijtraakte, en ik besefte dat ik je nooit had mogen laten gaan. De jaren vlogen voorbij, zonder enig teken van jou. Ik herinner me nog goed hoe je me ooit zei dat als het leven je uitdaagt met tegenslagen, je jezelf moet uitdagen sterker te zijn dan dat. Dus ik moest verder. Alleen. Soms, als ik omhoog keek, en de sterren aan de hemel zag schitteren, zwoer ik je aanwezigheid te voelen. Het gaf me hoop, maar tegelijk ook een enorm leeg gevoel.

Ik was eenzaam, twijfelend of een leven zonder jou het wel waard was om geleefd te worden. Ik heb veel tranen om je gelaten, maar men zegt altijd dat er in iedere traan van verdriet een prachtige herinnering schittert. Herinneringen aan onze ochtendwandelingen in de sneeuw, onze spontane dansmomentjes, onze aanrakingen. Herinneringen die ik al zo’n lange tijd met me meedroeg, dat ik ze haast was vergeten. Maar toen stond je ineens aan m’n bed. Je beeld was vervaagd, het geluid van je stem afgestorven. Je fonkelende ogen keken me vol tranen aan, en na al die jaren voelde het vredig om je dicht bij me te voelen. Ik zag de spijt in je ogen toen je over m’n rimpelige hand wreef. Want we wisten allebei dat ik aan het einde van m’n leven was gekomen. Ik was oud en rimpelig, terwijl jij er nog precies hetzelfde uit zag. ‘Ik zei toch dat die relativiteitstheorie echt klopt’, lachte je, want dat deed je altijd. Maar ik zag je tranen heus wel. Ik zag hoe hard je ertegen vocht. Maar ik zag ook dat je het nooit van hen zou winnen. 

Tijd wacht niet, op niks of niemand. Terwijl mijn hele leven aan me voorbijvloog, was jij hooguit een half uur in een ander melkwegstelsel geweest, op zoek naar een oneindig leven. En zeggen dat ik alleen maar samen met jou wilde oud worden. Maar, mijn liefste, als je me nu zou vragen of ik alles opnieuw zou doen, of ik opnieuw voor jouw liefde zou kiezen, wetende dat ik mijn leven in eenzaamheid zal doorbrengen? Zonder enig twijfel. Want jouw liefde was het allemaal waard. Elk seconde dat ik me eenzaam had gevoeld, dat ik om je gehuild had, vergat ik die avond. Ik had je zoektocht naar oneindigheid nooit begrepen, want ik geloofde niet in oneindigheden. Maar die avond besefte ik dat de betekenis van het woord, degene is die je er zelf aan geeft. En net voor ik m’n hoofd neerlegde, en m’n ogen zachtjes sloot, vond ik mijn eigen, kleine oneindigheid. Daar, in je armen.

Beoordeling jury columnwedstrijd "Eenzaamheid":
9de plaats

Een mooie column over een vrouw die eenzaam achterblijft nadat haar partner de ruimte in geschoten wordt. Het leven is liefde. 

Jury: Ziggy Klazes, Ben de Graaf (Ben Tekstschrijver), Wouter van Ewijk

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Verslavingszorg verdient beter imago

De verslavingszorg heeft een imagoprobleem. Psychiaters, psychologen en andere therapeuten zijn vaak te somber over de resultaten die we bereiken, vindt Ruud Rutten, bestuurder van Tactus verslavingszorg. 'We hebben in de kliniek wel enkele 'Herman Broodjes' rondlopen die hun hele leven begeleiding nodig hebben, maar de meeste mensen overwinnen na één of enk... Meer

Reageer |  reacties

Halsema wijst de weg naar sensationeel Corona-onderzoek

En wij maar boos zijn op het schutterende stadshoofd. Musical tycoon Albert Verlinde verwoordt het nog het best: "ze spuugt ons in het gezicht". Goed gevonden, in Corona-tijd staat dat gelijk aan poging tot moord. Maar volgens Halsema waren er geen fouten gemaakt op de Dam. Integendeel. Alle voorspellingen, zei ze, waren blijven steken op enige honderden act... Meer

Reageer |  reacties

Dit is de zwartste bladzijde uit de
coronageschiedenis

Ik weet niet hoe het u vergaat, maar in deze coronacrisis heb ik regelmatig de neiging om Prediker te lezen. En dat terwijl ik al sinds mijn elfde van God los ben. 'Wat geweest is, dat zal er zijn, en wat gedaan is, dat zal gedaan worden; er is niets nieuws onder de zon.' Prediker observeerde alles wat mensen deden en concludeerde: alles is ijdelheid en het ... Meer

Reageer |  reacties