Op safari door de toekomst van de psychiatrie

15 januari 2015

Op 21 november 2014 kwamen professionals en bestuurders uit de GGZ in de Burgers Zoo in Arnhem tijdens een Discura-congres bijeen om – met open vizier – vooruit te kijken naar de toekomst van de psychiatrie. Waarom doen we wat we doen en hoe kan het beter? Verkeert de psychiatrie in een crisis en hoe vormen we die om tot een kans? Wat houdt innoveren en transformeren nu werkelijk in en wat is de bijdrage die ik daaraan zelf kan leveren?
In vogelvlucht belicht ik enkele hoofdpunten die bij meerdere sprekers aan bod kwamen en die de agenda van de psychiatrie in de toekomst gaan bepalen.

Zowel Jim van Os als Jaap van der Stel benadrukten het grote belang van preventie. “We staan voor een enorme Public Health Challenge! Veel psychische aandoeningen beginnen in de adolescentie. Nu houden we ons vooral bezig met de 5% ernstigste gevallen, maar we mogen die andere 95% niet loslaten!” aldus Van Os, die van een Sick Care model naar een Health Care model wil bewegen: veel meer diagnosticeren van mogelijkheden in plaats van symptomen en richten op persoonlijk en maatschappelijk herstel.

Leren van de somatische geneeskunde was eveneens een rode draad door de dag, zowel in de wetenschap als in de praktijk. Peter Huijgens vertelde hoe in de oncologie al jaren wordt gewerkt aan landelijke registratie van patiŽntgegevens, verzameld in regionale netwerken van samenwerkende ziekenhuizen en specialisten. Deze cohortregistratie levert een onuitputtelijke bron van waardevolle gegevens op. De vier regionale kankernetwerken verzamelen niet alleen harde gegevens om met elkaar te delen en van elkaar te leren, zij maken ook onderlinge werkafspraken: “Zo’n systeem van regionaal diagnosticeren, behandelen en rapporteren – met bindende afspraken en wederzijdse verplichtingen – kan voor elke aandoening worden opgezet, zodat de verwijzingen verbeteren en iedere patiŽnt weet waar hij of zij moet wezen.”

Het monitoren van patiŽnten wordt – met name dankzij de snelle digitale ontwikkelingen – uitermate belangrijk. Met behulp van slimme technologie kunnen in intensieve tijdseries (emotionele) fluctuaties bij individuele patiŽnten worden bijgehouden, enerzijds ten behoeve van persoonlijke (n=1)geneeskunde en zelfmanagement, en anderzijds om – met behulp van geaggregeerde data – allerlei onderlinge verbanden op te sporen. Zo kunnen we gaan kijken naar de “samenhang tussen brain, mind, body en environment”.
Volgens de jonge psychiaters Joeri Tijdink en Christiaan Vinkers is wel een paradigmashift nodig om zo’n “multidimensionale wetenschap” te bereiken. Zij hebben hoge verwachtingen van de Research Domain Criteria (RDoC): in een wereldwijd onderzoeksnetwerk veel verschillende analyses bij elkaar voegen en in samenhang kijken naar fundamentele, neurobiologische en gedragsmatige dimensies.

Als de patiŽnt gezien wordt als een uniek en complex wezen in een specifieke context en zelfmanagement en autonomie – zowel voor patiŽnten als voor psychiaters – zo belangrijk zijn, welke nieuwe organiseerprincipes passen daar dan bij? Annemarie van Dalen noemt vijf samenhangende uitgangspunten voor innovatie:
- Betekenis maken en werken vanuit de inhoud: visie ontwikkelen en consequent doorvertalen in organiseeroplossingen.
- Handelingsruimte organiseren: professionals behandelen patiŽnten ťn organiseren het eigen werk (je moet dan wel bereid zijn om dingen te doen waarvoor je niet bent opgeleid).
- Lokaal plannen: werkende weg lichte systemen van planning en evaluatie ontwikkelen (hou het eenvoudig!)
- Niet managen maar ondersteunen: coŲrdineren op basis van visie, vertrouwen en socialisatie (elkaar durven aanspreken op inhoudelijke uitgangspunten).
- Institutioneel ondernemen: zoeken naar een effectieve omgang met de institutionele context van de organisatie (verzekeraars, overheid, IGZ). Dit betekent onder meer het niet vanzelf intern doorvertalen van externe eisen: bestuurders moeten juist “hun medewerkers als een hitteschild beschermen”.

Robert Vermeiren benadrukte dat “duurzame innovatie altijd kennis gestuurd is: behouden wat goed is en veranderen wat hindert”. Hij wil een Landelijk Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie opzetten om verbeteringen in de jeugdzorg te realiseren. In academische werkplaatsen kan een nauwe relatie tussen praktijk en onderzoek worden gelegd en kunnen ouders en jongeren bij het onderzoek worden betrokken. Over de transitie van de jeugdzorg is Vermeiren intussen optimistischer gestemd: “Gemeenten willen ook een academische onderzoeks- en ontwikkelagenda opstellen en zij spreken – i.t.t. verzekeraars – over burgers!”

De samenleving digitaliseert in hoog tempo, waarmee, volgens Heleen Riper, de perspectieven voor eMental-Health ook snel groeien: ter verbetering van preventie, behandeling en zorg op maat, zelfmanagement en mantelzorg. Er zijn tal van interventies voor depressies ontwikkeld, getest en klinisch onderzocht, maar de moeilijkste stap is het opschalen. Op dit moment is van de totale GGZ 5% eMental-Health, de zorgverzekeraars streven naar 20% eMental-Health in de Basis GGZ in 2015!
Met behulp van geavanceerde brillen als de Oculus Rift en Google Glass kunnen patiŽnten met bijvoorbeeld pleinvrees, met virtual of augmented reality gradueel oefenen. “Mobile en Social Health wordt de toekomst. Er zijn nu al heel veel apps op de markt die burgers met psychische problemen helpen. Door steeds meer van onszelf te meten worden we gekwantificeerde burgers.” Heleen Riper is optimistisch gestemd: “In de toekomst zullen we veel creatiever met verschillende gecombineerde technieken kunnen werken ten behoeve van meer gepersonaliseerde zorg. In 2030 kan daardoor de effectiviteit van behandelingen sterk verbeterd zijn. Maar dan moeten de beroepsgroepen zich wel veel actiever met deze ontwikkelingen gaan bezighouden, om ze in goede banen te leiden en om meer te kunnen sturen op gezond gedrag.”

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Geef mij tijd

Het is september en de vrijwilligers van het Koningin Wilhelmina Fonds voor de kankerbestrijding (KWF) komen langs met de collectebus. Het kan niemand ontgaan zijn. Radio- en televisiespotjes dringen zich aan je op. En waar je maar kijkt maken spandoeken en affiches ons erop attent. GEEF MIJ TIJD. Daarbij wordt meestal ook een portret getoond van iemand met kanker. Ik had zelf ook op zoín foto gekund, maar ik heb nu al vijftien jaar die op hol geslagen cellen en vind eigenlijk dat me sinds de diagnose al verrassend veel tijd is gegund. Daar klaag ik dus niet over. Langzaam aan beweeg ik me naar het moment dat de kanker me de baas is, maar zo ver is het nog niet. Wel heeft de behandeling van de kanker mijn leven danig ontwricht. Niet alleen dat van mij. Mijn vrouw moest op haar vijftigste ook wennen aan een heel andere man in huis. Elke keer dat ik langs een KWF affiche kom denk ik: GEEF MIJ KWALITEITTIJD.
Meer

Reageer |  reacties

Een zondebok aanwijzen helpt niet

In het boek ĎVeiligheid in de ggz. Leren van incidenten en calamiteitení dat psychiater Alette Kleinsman en calamiteitenonderzoeker Nico Kaptein onlangs publiceerden, komen drie lessen steeds weer terug. Een: het helpt niet om Ė in het geval van een ernstig incident of calamiteit Ė een zondebok te zoeken, want fouten worden gemaakt als sluitstuk van een proces waaraan allerlei professionals een bijdrage leveren. Twee: zorg voor een open cultuur waarin iedereen zich vrij voelt om elkaar aan te spreken. En drie: zorg ervoor dat iedereen zich verantwoordelijk voelt voor veiligheid.
Meer

Reageer |  reacties

Duizend bloemen, een paar teveel

Hoogleraar Jim van Os sprak recent in NRC Handelsblad zijn zorg uit over de achteruitgang van de psychiatrie in Nederland. Het toenemend aantal gevallen van euthanasie bij mensen met ernstige psychische aandoeningen is daar volgens hem een symptoom van. De verwaarlozing kost mensenlevens. Hij bepleit een focus op persoonlijk herstel. Marian Draaisma van zorginstelling Pluryn klaagde in dezelfde week in het AD over een verschuiving van werkzaamheden van de jeugdpsychiatrie naar de jeugdzorg. Dit verklaart volgens haar waarom het aantal suÔcides bij de betrokken jongeren nog nooit zo hoog is geweest. Ook hier gaat het om vragen over leven en dood. De oplossing ligt hier in de handen van gemeenten. En GGZ-instelling Emergis in Zeeland dreigde eind augustus met een behandelstop voor de rest van dit jaar. De zorgverzekeraar heeft te weinig zorg ingekocht.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten