Hoe krijgen wij de hele olifant te zien?

22 januari 2015

In een beroemd Indiaas verhaal wordt een aantal blinde mannen en een olifant ten tonele gevoerd. Deze blinde mannen verkennen de olifant, om te leren wat dat voor een ‘ding’ is. Ieder van hen voelt aan een lichaamsonderdeel: de slagtand, de slurf, de poot, et cetera. Ze spreken over hun waarnemingen, maar die verschillen volledig van elkaar. Ze denken dat ze de olifant ‘zien’, maar zitten er helemaal naast omdat ze het geheel niet overzien. De moraal van dit verhaal is dat je op basis van beperkte waarnemingen niet zomaar een beeld van de werkelijkheid kunt vormen. Sterker nog, het is een illusie te menen dat de waarheid die wij ervaren ‘de echte waarheid’ is.

Deze parabel spreekt nog steeds tot de verbeelding en wordt in de managementliteratuur gebruikt - bijvoorbeeld door Henri Mintzberg - om verschillende paradigma's in strategisch denken te onderscheiden. Voor mij staat het verhaal van de blinde mannen en de olifant symbool voor veel transitie- en veranderprocessen in de zorgorganisaties van onze tijd.

Sommige bestuurders of managers omarmen de slagtand van managementontwikkeling en roepen: ‘Met dit wapen scherpen wij onze managers voor de toekomst’. Anderen lopen tegen de poot van procesontwerp aan en roepen verheugd: ‘Met dit robuuste ontwerp dendert de organisatie zo door de transformatie heen’. En weer anderen hebben het oor van het beest te pakken en weten het zeker: ‘Met deze waaier van communicatie zetten wij de lucht van verandering in beweging’.

Voor onze transities moeten wij echter ťťn samenhangend beest van al die stukken maken. Eťn dier in plaats van een aantal onsamenhangende lichaamsonderdelen.

In de praktijk doen we dat door eerst de olifant in zijn geheel te schetsen. We tekenen dan twee beesten: hoe de olifant er nu uit ziet en hoe je wilt dat de olifant eruit gaat zien. Met andere woorden hoe de organisatie er vůůr de transitie uitziet en hoe je wilt dat de organisatie er na de transitie uit ziet, en wel een integraal goed functionerende samenhangende organisatie.

Er zijn verschillende manieren om dat te doen, maar wat altijd belangrijk is, dat je zowel aandacht besteedt aan de inhoud van de transitie als aan het proces om de transitie te bereiken. Je moet met andere woorden een aanpak kiezen waarvan je zeker weet dat die de hele olifant in beeld brengt, dus zowel de inhoud als de aanpak waarmee alle stakeholders in en om de organisatie op een betekenisvolle manier het totale beest (leren) schetsen.

Deze column is ook geplaatst op twijnstragudde.nl.


The Blind Men and the Elephant

IT was six men of Indostan
To learning much inclined,
Who went to see the Elephant
(Though all of them were blind),
That each by observation
Might satisfy his mind.

The First approached the Elephant,
And happening to fall
Against his broad and sturdy side,
At once began to bawl:
"God bless me!—but the Elephant
Is very like a wall!"

The Second, feeling of the tusk,
Cried:"Ho!—what have we here
So very round and smooth and sharp?
To me 't is mighty clear
This wonder of an Elephant
Is very like a spear!

The Third approached the animal,
And happening to take
The squirming trunk within his hands,
Thus boldly up and spake:
"I see," quoth he, "the Elephant
Is very like a snake!"

The Fourth reached out his eager hand,
And felt about the knee.
"What most this wondrous beast is like
Is mighty plain," quoth he;
"'T is clear enough the Elephant
Is very like a tree!"

The Fifth, who chanced to touch the ear,
Said: "E'en the blindest man
Can tell what this resembles most;
Deny the fact who can,
This marvel of an Elephant
Is very like a fan!"

The Sixth no sooner had begun
About the beast to grope,
Than, seizing on the swinging tail
That fell within his scope,
"I see," quoth he, "the Elephant
Is very like a rope!"

And so these men of Indostan
Disputed loud and long,
Each in his own opinion
Exceeding stiff and strong,
Though each was partly in the right,
And all were in the wrong!

moral.
So, oft in theologic wars
The disputants, I ween,
Rail on in utter ignorance
Of what each other mean,
And prate about an Elephant
Not one of them has seen!

The poems of John Godfrey Saxe (1872) by John Godfrey Saxe

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Geef mij tijd

Het is september en de vrijwilligers van het Koningin Wilhelmina Fonds voor de kankerbestrijding (KWF) komen langs met de collectebus. Het kan niemand ontgaan zijn. Radio- en televisiespotjes dringen zich aan je op. En waar je maar kijkt maken spandoeken en affiches ons erop attent. GEEF MIJ TIJD. Daarbij wordt meestal ook een portret getoond van iemand met kanker. Ik had zelf ook op zoín foto gekund, maar ik heb nu al vijftien jaar die op hol geslagen cellen en vind eigenlijk dat me sinds de diagnose al verrassend veel tijd is gegund. Daar klaag ik dus niet over. Langzaam aan beweeg ik me naar het moment dat de kanker me de baas is, maar zo ver is het nog niet. Wel heeft de behandeling van de kanker mijn leven danig ontwricht. Niet alleen dat van mij. Mijn vrouw moest op haar vijftigste ook wennen aan een heel andere man in huis. Elke keer dat ik langs een KWF affiche kom denk ik: GEEF MIJ KWALITEITTIJD.
Meer

Reageer |  reacties

Een zondebok aanwijzen helpt niet

In het boek ĎVeiligheid in de ggz. Leren van incidenten en calamiteitení dat psychiater Alette Kleinsman en calamiteitenonderzoeker Nico Kaptein onlangs publiceerden, komen drie lessen steeds weer terug. Een: het helpt niet om Ė in het geval van een ernstig incident of calamiteit Ė een zondebok te zoeken, want fouten worden gemaakt als sluitstuk van een proces waaraan allerlei professionals een bijdrage leveren. Twee: zorg voor een open cultuur waarin iedereen zich vrij voelt om elkaar aan te spreken. En drie: zorg ervoor dat iedereen zich verantwoordelijk voelt voor veiligheid.
Meer

Reageer |  reacties

Duizend bloemen, een paar teveel

Hoogleraar Jim van Os sprak recent in NRC Handelsblad zijn zorg uit over de achteruitgang van de psychiatrie in Nederland. Het toenemend aantal gevallen van euthanasie bij mensen met ernstige psychische aandoeningen is daar volgens hem een symptoom van. De verwaarlozing kost mensenlevens. Hij bepleit een focus op persoonlijk herstel. Marian Draaisma van zorginstelling Pluryn klaagde in dezelfde week in het AD over een verschuiving van werkzaamheden van de jeugdpsychiatrie naar de jeugdzorg. Dit verklaart volgens haar waarom het aantal suÔcides bij de betrokken jongeren nog nooit zo hoog is geweest. Ook hier gaat het om vragen over leven en dood. De oplossing ligt hier in de handen van gemeenten. En GGZ-instelling Emergis in Zeeland dreigde eind augustus met een behandelstop voor de rest van dit jaar. De zorgverzekeraar heeft te weinig zorg ingekocht.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten