Beloon voor kwaliteit en voer samen het kijk- en luistergeld weer in!

22 maart 2012


De zorg in Nederland is van hoog niveau. Vergeleken met het buitenland leveren we in Nederland goede kwaliteit tegen een redelijke prijs. Toch kan het altijd nog beter. Dat blijkt onder meer uit de grote onverklaarde variatie in kwaliteit en kosten tussen de verschillende ziekenhuizen, en zelfs tussen de verschillende artsen.

Achter ons systeem van betaling en beloning voor geleverde zorg zit een visie die artsen en de ziekenhuizen beÔnvloedt en stuurt. Anders gezegd: met geld kun je sturen. In het streven naar meer generieke geneesmiddelen is het belonen van het voorschrijven van dergelijke geneesmiddelen tegenover de duurdere merkmiddelen een mooi voorbeeld.
Dat sturen kan echter nog beter; slimmer en met meer effect. Maar dan moet er wel vanuit een ander paradigma worden gedacht en beter worden samengewerkt.

Wat is het geval? Het huidige systeem gaat vooral uit van loon naar werken en betaalt dus voor volume. Dat past bij de maatschappelijke overtuiging dat de geneeskunde onbeperkte mogelijkheden biedt, en dat het benutten van al die mogelijkheden aan het eind genezing brengt. Meer is beter, of zou dat moeten zijn. Helaas is dat is niet de realiteit: meer volume aan zorg betekent niet altijd meer kwaliteit. Dat illustreert het volgende praktijkgeval.

Een 65-jarige vrouw wordt door cardioloog A doorverwezen voor een dotteringreep. In zijn ziekenhuis kan deze ingreep niet worden uitgevoerd. De ontvangend cardioloog B bekijkt patiŽnte, doet aanvullend onderzoek en constateert dat dotteren niet zinvol is en haar klachten niet zal verminderen. Vanwege de hooggespannen verwachtingen kost het een klein uur om de patiŽnte goed uit te leggen waarom niet ingrijpen het beste is. Bovendien moet gesproken worden met cardioloog A, die dit het besluit ook moet begrijpen en ondersteunen. Ook de familie van patiŽnt vraagt, een dag later, om tekst en uitleg. In totaal is cardioloog B ruim anderhalf uur bezig, om de juiste zorg te geven, dat wil zeggen de gevraagde ingreep niet te doen. Het op deze manier betrekken en omgaan met patiŽnt en familie en hen zodoende (mede)verantwoordelijkheid te laten nemen voor dit beleid kost tijd. Het kost in het algemeen meer tijd een patiŽnt uit te leggen dat hij de behandeling die hij wil niet krijgt, dan andersom.

Deze benadering heeft ook financiŽle gevolgen. Voor een consult dat ruim anderhalf uur duurt, wordt het standaard tarief van een paar tientjes in rekening gebracht. Was er gedotterd dan had dat minder tijd gevergd, maar wel veel meer geld opgeleverd, voor cardioloog en ziekenhuis is dat respectievelijk 500 en 2500 euro. Niet ingrijpen is daarmee een flinke besparing op de ziektekosten, en dus voor de gemeenschap.

Cardioloog B kiest nadrukkelijk voor de betere zorg, ook al levert dat nagenoeg niets op. Deze casus illustreert een spanningsveld in ons huidige systeem: onnodige zorg wordt betaald, betere zorg levert niets op.

Hoe kan er slimmer gewerkt worden en beter gestuurd? Tijdens haar recente werkbezoek aan de VS pleitte minister Schippers van Volksgezondheid voor meer innovatie in de zorg om kwaliteit en doelmatigheid te verbeteren. Dat wordt al gauw geÔnterpreteerd als toename van (informatie) technologie. Maar er is ook op andere wijze winst te boeken, namelijk door sociaal te innoveren en daar ruimte voor te maken.
Wij pleiten voor het belonen van kwaliteit in plaats van het betalen en stimuleren van volume in de zorg, en stellen voor ‘kijk- en luistergeld’ in de zorg in te voeren: de beloning voor de arts die de tijd neemt samen met een patiŽnt tot een goede behandeling te komen, ook al strookt die niet met de verwachting waarmee hij kwam. Optimale zorg is meer dan maximale zorg; het leveren van optimale zorg vraagt om energie en betrokkenheid, van zowel de arts als van de patiŽnt.

Bart Berden is bestuurder van het St. Elisabeth Ziekenhuis in Tilburg en hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg TIAS/Nimbas.

Marjo van Kasteren is internist in het St. Elisabeth Ziekenhuis Tilburg


Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Geef mij tijd

Het is september en de vrijwilligers van het Koningin Wilhelmina Fonds voor de kankerbestrijding (KWF) komen langs met de collectebus. Het kan niemand ontgaan zijn. Radio- en televisiespotjes dringen zich aan je op. En waar je maar kijkt maken spandoeken en affiches ons erop attent. GEEF MIJ TIJD. Daarbij wordt meestal ook een portret getoond van iemand met kanker. Ik had zelf ook op zoín foto gekund, maar ik heb nu al vijftien jaar die op hol geslagen cellen en vind eigenlijk dat me sinds de diagnose al verrassend veel tijd is gegund. Daar klaag ik dus niet over. Langzaam aan beweeg ik me naar het moment dat de kanker me de baas is, maar zo ver is het nog niet. Wel heeft de behandeling van de kanker mijn leven danig ontwricht. Niet alleen dat van mij. Mijn vrouw moest op haar vijftigste ook wennen aan een heel andere man in huis. Elke keer dat ik langs een KWF affiche kom denk ik: GEEF MIJ KWALITEITTIJD.
Meer

Reageer |  reacties

Een zondebok aanwijzen helpt niet

In het boek ĎVeiligheid in de ggz. Leren van incidenten en calamiteitení dat psychiater Alette Kleinsman en calamiteitenonderzoeker Nico Kaptein onlangs publiceerden, komen drie lessen steeds weer terug. Een: het helpt niet om Ė in het geval van een ernstig incident of calamiteit Ė een zondebok te zoeken, want fouten worden gemaakt als sluitstuk van een proces waaraan allerlei professionals een bijdrage leveren. Twee: zorg voor een open cultuur waarin iedereen zich vrij voelt om elkaar aan te spreken. En drie: zorg ervoor dat iedereen zich verantwoordelijk voelt voor veiligheid.
Meer

Reageer |  reacties

Duizend bloemen, een paar teveel

Hoogleraar Jim van Os sprak recent in NRC Handelsblad zijn zorg uit over de achteruitgang van de psychiatrie in Nederland. Het toenemend aantal gevallen van euthanasie bij mensen met ernstige psychische aandoeningen is daar volgens hem een symptoom van. De verwaarlozing kost mensenlevens. Hij bepleit een focus op persoonlijk herstel. Marian Draaisma van zorginstelling Pluryn klaagde in dezelfde week in het AD over een verschuiving van werkzaamheden van de jeugdpsychiatrie naar de jeugdzorg. Dit verklaart volgens haar waarom het aantal suÔcides bij de betrokken jongeren nog nooit zo hoog is geweest. Ook hier gaat het om vragen over leven en dood. De oplossing ligt hier in de handen van gemeenten. En GGZ-instelling Emergis in Zeeland dreigde eind augustus met een behandelstop voor de rest van dit jaar. De zorgverzekeraar heeft te weinig zorg ingekocht.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten