Mijn medische misser

13 mei 2015

Nog niet zo heel lang geleden heb ik iemand – bijna – naar ‘gene zijde’ geholpen. Ik gaf een man in een cel onterecht methadon.

Dagelijks bezoeken mijn collega’s en ik alle opiaatafhankelijke arrestanten; in geval van onthouding dienen we methadon te verstrekken. Aangezien de gevolgen van een verstrekking aan iemand die geen opiaten gewend is, nogal desastreus kunnen zijn, zijn er vele veiligheidsregels aan de verstrekking verbonden. Zo doseren we onder andere de eerste gift bij een ‘opiaatclaimer’ altijd laag, ongeacht wat de persoon in kwestie nodig zegt te hebben of claimt te gebruiken. Daarnaast moet er sprake zijn van objectieve afkickverschijnselen. Ondanks deze en nog vele andere veiligheidsmaatregelen verstrekte ik methadon aan een man die het niet nodig had.

De man in kwestie stond op mijn ‘verslaafdenlijst’. Op deze lijst worden de namen van arrestanten die te kennen geven aan drank of drugs verslaafd te zijn, genoteerd. Ik bezocht de man. Hij oogde ziek: zweterig, ongemakkelijk, met een rommelende buik. Desgevraagd zei hij heroÔne te gebruiken. De hyperperistaltiek – een typisch objectief onthoudingsverschijnsel van opiaten – gaf voor mij de doorslag. Ik verstrekte methadon. Toch ging ik met een vreemd gevoel weg.

Een paar dagen later hoorde ik dat een collega de door mij ingezette ‘behandeling’ had gestaakt: de man in kwestie werd niet beter, maar suffer van mijn methadon. Dankzij mijn collega’s alertheid, en de vele veiligheidsregels omtrent verstrekking van methadon, was er niets fout gegaan. Althans, niet in tweede instantie.

Maar hoe had dit mis kunnen gaan?

Ik bleek een alcoholonthouding voor een opiaatonthouding te hebben aangezien, waarbij de man in kwestie last van een rommelende buik had, wat ik interpreteerde als hyperperistaltiek. Dat hij drugsgebruik claimde, hielp uiteraard niet, maar daar horen we in ons vak beducht op te zijn. Het gebeurt vaker dat een arrestant denkt even lekker rustig te worden van een paar tabletten methadon, bij gebrek aan benzodiazepinen.

Ik besloot om mijn verhaal te delen met al mijn collega’s en hield een presentatie over mijn – potentieel lethale – misser. Deze viel in goede aarde. Ik heb ervan geleerd om nooit meer dat wringende onderbuikgevoel (niet-pluis!) te negeren. Volgens mij toch het sterkste ‘instrument’ dat je in het medische arsenaal tot je beschikking hebt.

Luister naar dat niet-pluis-gevoel! Bespreek fouten onderling. Leer ervan. Verbeter elkaars medisch handelen. Leer van mijn verhaal dat het gevoel in een situatie te ‘moeten’ handelen niet leidend moet zijn. Beoordeel bij twijfel een patiŽnt later nogmaals. Dat is een stuk veiliger.

Laat mijn medische misser niet de uwe te zijn. 

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Snor

Het enige geluid dat ik hoor is het getik van de klok. Zo nu en dan springt er een vogeltje uit tevoorschijn, dat een paar keer hard roept. Gelukkig hoef ik daar niets meer mee.Ooit was ik een echt feestbeest, kon ik nachten doorhalen met mijn buurtgenoten. Maar de laatste tijd hoefde ik niet meer zo nodig. Overbodig voelde ik me. Ik was leeg, waar ik ooit v... Meer

Reageer |  reacties

Mensen helpen die Ďde droad effe kwiet biní

Mediant Geestelijke Gezondheidszorg in Twente opende in 2015 de Helmer-Es, een nieuwe High Intensive Care (HIC). Teampsychiater Marije Vermaas voelt zich hier als een vis in het water. Er is ťťn probleem: ze is de enige psychiater op de afdeling, er moet nodig een collega bij. Maar dat is lastig. Veel collega's zien Twente als een uithoek. Ze gooit graag een... Meer

Reageer |  reacties

Deze cliŽnt zit nog steeds in mijn hoofd

AriŽtte van Reekum, psychiater en lid raad van bestuur van GGZ Breburg in Brabant, heeft een open inborst. Niet te beroerd om een fout toe te geven. Toch zit ze soms in een spagaat: een organisatie heeft een structuur en cultuur nodig om open te zijn over fouten en ervan te leren. Maar na een uitzending van Zembla is ze naar de buitenwereld voorzichtiger. ĎH... Meer

Reageer |  reacties