De bereikbaarheid van een krokodil

22 maart 2018

We kennen allemaal de Paarse Krokodil. In de reclame van de Ohra is een meisje te zien dat in een zwembad haar paarse opblaaskrokodil is vergeten. Als ze terugkomt om hem op te halen ziet ze hem tot haar grote vreugde staan achter het glas bij de receptionist. Ze denkt hem terug te kunnen krijgen maar moet eerst allerlei formulieren invullen om dit voor elkaar te krijgen. De paarse krokodil staat weliswaar in het zicht maar is onbereikbaar.
De Paarse Krokodil is verworden tot een symbool van regelzucht en onnodige bureaucratie. Zozeer zelfs dat afdeling sociale zaken in de gemeente waar ik werkzaam ben als raadslid, het beest een centrale rol heeft gegeven in de nota “ Bestrijd de Paarse Krokodil in het sociaal domein’.
De nota streeft naar meer ruimte voor handelen naar gezond verstand van de ambtenaren. Ambtenaren krijgen dus ruimte om de marges van de beleidsregels te gebruiken voor een efficiëntere aanpak.
Een voorbeeld: iemand krijgt een boete voor te hard rijden op zijn scooter. Hij kan de boete niet betalen. Er volgt aanmaning op aanmaning en na verloop van tijd zijn de kosten zo hoog opgelopen dat er huisuitzetting dreigt. Als dat gebeurt lopen de kosten voor de overheid hoog op- opvang, schulddienstverlening etc. We hebben het dan over tienduizenden euro’s. Het enige tastbare dat overblijft is een hele kostbare krokodil.
Terwijl er aan het begin van het traject misschien een lening mogelijk was geweest van 300 euro waarmee de boete betaald had kunnen worden. Ook al voorzien de regels hier niet in. Dit is overigens een voorbeeld uit de praktijk.
Het laat zich raden dat wij als raad de regelruimte, noem het maatwerk, uit financieel maar ook uit menselijk oogpunt toejuichten.
Maar de werkelijkheid is weerbarstig. Want voor regelruimte is vertrouwen nodig. We moeten er van uit kunnen gaan dat de motieven van de ambtenaar kloppen wanneer hij of zij een beslissing neemt die voortkomt uit eigen inzicht in plaats van strakke regels. Er mag geen sprake zijn van willekeur- wat geldt voor de één moet ook voor de ander gelden. Kortom: we moeten vertrouwen op het inschattingsvermogen van de ambtenaar en dat inschattingsvermogen is per definitie subjectief en feilbaar. Konden we eerder terugvallen op de objectieve, starre regels- het gunnen van beoordelingsruimte betekent de moed om los te laten. Die moed wordt niet alleen gevraagd van de gemeenteraad die een controlerende taak heeft. Ook het college, dat verantwoordelijk is voor het functioneren van de ambtenaren, moet durven loslaten in vertrouwen, de ambtenaren moeten op hun beurt vertrouwen op hun eigen inzicht. En, last but not least, ook de maatschappij moet leren dat waar gehakt wordt, er spaanders zullen vallen, de goede bedoelingen ten spijt.
Zo dapper als de poging tot het bereiken van de krokodil was, zo kwetsbaar bleek het daarvoor benodigde vertrouwen. Bij het eerste incident, iets dat gezien werd als een ontoelaatbare maar beargumenteerde inschattingsfout van een ambtenaar, schoten alle lagen onmiddellijk in de risico regelreflex: de ruimte die nog maar een paar weken eerder met een hamerklap in de raadsvergadering werd gevierd, werd onmiddellijk in paniek opgevuld met het pur schuim dat controle heet.
Voor een beter functionerende overheid en als gevolg daarvan een beter functionerende maatschappij is wat mij betreft vertrouwen nodig, over en weer en in alle lagen.
Ik zou dan ook willen pleiten voor het omdraaien van het bekende adagium van Lenin : ‘Vertrouwen is goed, controle is beter’ naar ‘Controle is goed, vertrouwen is beter’. 

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Als e-health meerwaarde
heeft, zijn we er als eerste bij

Iemand die zelf verslaafd is geweest, is eigenlijk de enige die een verslaafde begrijpt', zegt Dick Trubendorffer. Hij was zelf verslaafd aan alcohol, partydrugs, werken en seks. Na een mislukte behandeling in Nederland herstelde hij in Amerika. In Nederland zette hij daarna Trubendorffer ‘Hulp bij Verslaving' op. De zorg is ambulant, E-health en beeldtelefo... Meer

Van bajes naar zorginstelling,
van cipier naar groepsleider

‘Eens kijken of het me lukt', dacht hoofd behandeling Peter van der Sanden, toen hij in 2011 in jeugdzorginstelling Almata in Ossendrecht ging werken. De ‘bajes voor jongeren' moest worden omgevormd van een justitiële instelling naar een gesloten jeugdzorginstelling. Cipiers werden groepsleiders. Het lukte. Met Van der Sanden als grote inspirator. Juni 2019 ... Meer

Waarom e-health tóch succesvol wordt

Ik kan me goed voorstellen dat gelouterde zorgbestuurders als Wouter van Ewijk niet geloven in e-health (Discura, 25 januari jl.). Je gaat doorgaans niet naar de dokter voor je plezier. Je vermoedt iets ernstigs in je unieke lijf. En wilt daarbij de arts wel in de ogen kijken. Je wilt gezién worden. Je zoekt, wellicht impliciet, de vertrouwensband. En dat is... Meer

Reageer |  reacties