De medisch specialist komt naar je toe! (hopelijk)

11 augustus 2016

In Medisch Contact van 30 juni jongstleden staat een groot verhaal waarin twee directieleden van het Udense ziekenhuis Bernhove uitleggen hoe zij de zorg dichter bij de patiŽnten brengen.
Hoera! dacht ik, toen ik het las. Wat fijn dat ook ziekenhuisbestuurders begrijpen dat een ziekenhuis zich zou moeten beperken tot de diensten waarmee het zich onderscheidt van andere zorgverleners: acute zorg, operaties, en behandelingen waaraan apparatuur te pas komt die onmogelijk verplaatst kan worden.
Nu is het zaak de volgende stap richting patiŽnt te zetten, en wel letterlijk: ontvang niet meer vanachter een bureau, maar ga zelf naar uw patiŽnten toe.

Minachting
Dat patiŽnten altijd naar het ziekenhuis moeten komen, onderstreept de hiŽrarchische afstand tussen arts en patiŽnt. De patiŽnt krijgt te horen wanneer hij kan worden ingepland, en moet niet moeilijk doen over de datum en tijd die worden voorgesteld. Hij wacht lijdzaam in de wachtkamer totdat hij aan de beurt is, ook als dat pas ruimschoots na het afgesproken tijdstip is. Of het nou de bedoeling is of niet, maar met zo’n manier van doen wordt vooral minachting gecommuniceerd. En het onvermogen om afspraken goed te plannen, dat ook.

70 euro
PatiŽnten pikken het, omdat ze geen keus hebben. En dus zitten mensen zoals mijn vader vaak driekwartier of langer op de rolstoeltaxi te wachten die hen naar het ziekenhuis brengt (waar ze vervolgens te vroeg arriveren want ja, de taxi mag er formeel anderhalf uur over doen om je af te leveren, en te laat komen wil je niet). Met een beetje pech loopt het spreekuur van de arts uit, en daarna moeten ze dezelfde route in omgekeerde richting volgen. Een bezoek van 15 minuten kost mijn vader niet zelden tussen de 3 en 4 uur. Privť een rolstoeltaxi huren om zo de reistijd te bekorten, is niet te betalen: dat kost (in zijn geval) 65 euro enkele reis.

Absurd
Als ik erbij moet zijn, kost zijn bezoek mij een werkdag, want artsen houden geen spreekuren in het weekend. Dat andere mensen vaak ůůk doordeweeks moeten werken, daar begrijpen zij dan weer niets van. Meestal zitten we bij een specialist aan het bureau die naar mijn vaders klachten luistert (fijn), een paar notities maakt, eventueel een suggestie doet om zijn medicatie aan te passen, en dan staan we weer buiten. Zowel mijn vader als ik plegen hiervoor een absurd grote en totaal onnodige tijdsinvestering, die voor mijn vader bovendien fysiek behoorlijk belastend is.

Verpleeghuisrondjes
Dermatoloog Roland Koopman van ziekenhuis Bernhove vindt het ook onzin dat patiŽnten standaard naar het ziekenhuis komen. Hij houdt daarom regelmatig spreekuur in huisartsenpraktijken in zijn regio, vertelt hij aan Medisch Contact. Hiermee stelt hij een geweldig voorbeeld, dat hopelijk veel navolging krijgt. Toch kan Koopman deze belangrijke verbetering nog overtreffen:door ‘verpleeghuisrondjes’ in zijn regio in te plannen, en ook patiŽnten in aanleunwoningen te bezoeken. Ook dat scheelt heel erg veel onnodig gezeul met heel erg veel mensen. Als het dan ook nog gewoon wordt om via Facetime of Skype de mantelzorger-ver-weg bij het gesprek te betrekken, kan die zijn uren steken in dingen die wťl echt leuk zijn om samen met zijn ouder of partner te doen – en die voor het welbevinden van deze patiŽnt net zo goed hard nodig zijn.

 U kunt Malou van Hintum via twitter volgen via: @malouvh

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Een zondebok aanwijzen helpt niet

In het boek ĎVeiligheid in de ggz. Leren van incidenten en calamiteitení dat psychiater Alette Kleinsman en calamiteitenonderzoeker Nico Kaptein onlangs publiceerden, komen drie lessen steeds weer terug. Een: het helpt niet om Ė in het geval van een ernstig incident of calamiteit Ė een zondebok te zoeken, want fouten worden gemaakt als sluitstuk van een proces waaraan allerlei professionals een bijdrage leveren. Twee: zorg voor een open cultuur waarin iedereen zich vrij voelt om elkaar aan te spreken. En drie: zorg ervoor dat iedereen zich verantwoordelijk voelt voor veiligheid.
Meer

Reageer |  reacties

Duizend bloemen, een paar teveel

Hoogleraar Jim van Os sprak recent in NRC Handelsblad zijn zorg uit over de achteruitgang van de psychiatrie in Nederland. Het toenemend aantal gevallen van euthanasie bij mensen met ernstige psychische aandoeningen is daar volgens hem een symptoom van. De verwaarlozing kost mensenlevens. Hij bepleit een focus op persoonlijk herstel. Marian Draaisma van zorginstelling Pluryn klaagde in dezelfde week in het AD over een verschuiving van werkzaamheden van de jeugdpsychiatrie naar de jeugdzorg. Dit verklaart volgens haar waarom het aantal suÔcides bij de betrokken jongeren nog nooit zo hoog is geweest. Ook hier gaat het om vragen over leven en dood. De oplossing ligt hier in de handen van gemeenten. En GGZ-instelling Emergis in Zeeland dreigde eind augustus met een behandelstop voor de rest van dit jaar. De zorgverzekeraar heeft te weinig zorg ingekocht.
Meer

Reageer |  reacties

FACT-werk en specialistische zorg in ťťn team

ĎBinnen GGZ Noord-Holland-Noord hebben we drie programmaís geschreven die de komende drie jaar hun beslag moeten krijgení, vertelt Marijke van Putten, lid van de raad van bestuur. ĎVoorheen werkten we via twee sporen: de FACT-teams en diagnostisch gerichte specialistische teams. Deze voegen we samen tot geÔntegreerde teams die wijk- en herstelgericht zijn. Teams met ervaringsdeskundigen en IPS-medewerkers die mensen begeleiden naar werk, maar ook met specialistische behandelkennis.í
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten