Snor

18 april 2019

Het enige geluid dat ik hoor is het getik van de klok. Zo nu en dan springt er een vogeltje uit tevoorschijn, dat een paar keer hard roept. Gelukkig hoef ik daar niets meer mee.

Ooit was ik een echt feestbeest, kon ik nachten doorhalen met mijn buurtgenoten. Maar de laatste tijd hoefde ik niet meer zo nodig. Overbodig voelde ik me. Ik was leeg, waar ik ooit vaak vol was. Het liefst lag ik de hele dag op een warm, zacht plekje, weg van de anderen.

Heel wat nesten heb ik geworpen, kleintjes gelikt, gezoogd en in hun nekvel rondgesjouwd. Allemaal zijn ze vertrokken. Sommigen kwamen niet ver, die eindigden hun leven platgereden op de weg voor het huis. Anderen zijn opgehaald door wildvreemden met hun kinderen, die verrukt in hun net geopende oogjes keken. Nooit meer iets van gehoord.

En nu was ik klaar. Alleen voor mijn behoeften kroop ik nog door het kattenluikje om daarna meteen weer naar binnen te gaan, de warmte in.

In het huis was het altijd druk. Overdag werd er luidruchtig gewerkt op de laptop, werd er piano gespeeld, draaide de wasmachine aan één stuk door en was er constant herrie in de keuken. ’s Avonds tetterden de mobieltjes. Er werd veel gepraat, gelachen en geruzied. Doodvermoeiend.

Tot die ene dag. Eerst kwam de reismand tevoorschijn, daarna werden mijn etensbakjes en mijn lievelingsdeken gepakt. Voorzichtig tilden ze me op en zetten me in de mand. In de auto werd er vriendelijk tegen me gepraat, op een manier die ik al lange tijd niet meer gehoord had. Het kattensnoepje raakte ik niet aan.
Ik rolde me op in een hoekje van de mand. Durfde niet te mauwen, en voelde mijn plas warm op mijn dekentje glijden.

De auto stopte en ik werd naar buiten gedragen, een grijs gebouw in. We liepen door een deur die met een klap achter ons sloot, daarna drie trappen omhoog, door een lange gang met allemaal dezelfde deuren. Door één van die deuren gingen we een heerlijk warme kamer in.

Daar zat een oude vrouw in een schommelstoel bij het raam. Ze leek op mijn vrouwtje, maar dan grijzer en gerimpelder.

Mijn mand werd bovenop een tafel gezet. Heel langzaam kroop ik eruit en ik likte me schoon. Toen zag ik de verrukte ogen van de oude vrouw. Ze keek naar me zoals de kinderen die vroeger mijn kleintjes kwamen halen. Ik werd opgetild en voorzichtig op de schoot gezet van de oude vrouw.

Sindsdien genieten we samen van de rust..
De oude vrouw aait me eindeloos en praat tegen me. Soms zucht ze diep. Ze laat me dan een foto zien van een oude man. Eerst glimlacht ze, dan huilt ze en laat haar tranen zacht op mijn vacht glijden. Na een tijdje veegt ze behoedzaam de druppels van mijn rug. Dan komt ze voorzichtig omhoog en ik beweeg met haar mee. Ze schuifelt ze naar de kast. Ze pakt er een kattensnoepje uit en geeft dat aan mij. Daarna schenkt ze in de keuken een kopje koffie in en drinkt dat op. ’s Middags doen we hetzelfde, alleen drinkt zij dan een kopje thee. Daarna sloft ze naar haar stoel terug. Als zij weer zit, klim ik via het krukje naar mijn plekje terug. Haar schoot voelt warm en zacht. Zij neuriet zacht en ik spin. Ik spin zo hard als ik kan.


Beoordeling jury:
Winnaar 1ste plaats

Opvallend:
• Perspectief
• Schitterend begin
• Mooie taal, mooi ritme
• Spelen met metaforen
• Show, don’t tell
• Aansprekende details
• Warm verhaal, mooi hoopvol einde

De taal is toegankelijk, zonder opsmuk en mede daardoor uiterst effectief.
De openingszin is meteen al van een grote schoonheid: Het enige geluid dat ik hoor is het getik van de klok. Zo nu en dan springt er een vogeltje uit tevoorschijn, dat een paar keer hard roept. Gelukkig hoef ik daar niets meer mee.
Het duurt even voor je doorhebt dat hier een oude poes aan het woord is. De poes was vroeger een ‘feestbeest’, heeft ‘nesten geworpen’, ‘kleintjes gelikt’. Allemaal zijn ze vertrokken. Een mooie metafoor voor ‘een druk en verantwoordelijk leven, met zorg voor de kinderen, maar ook met narigheid (sommige eindigden platgereden, of werden opgehaald, nooit meer iets van gehoord). En nu is de poes ‘klaar’. Gaat alleen voor de behoefte nog naar buiten. Mooi zoals hier hele gewone woorden als ‘feestbeest’ en ‘klaar’ vanwege hun context ineens een andere lading krijgen.

En dan die verhuizing naar het bejaardenhuis. Doodeng, ze ‘voelt haar plas warm op haar dekentje glijden’. Hier past de schrijfster niet alleen ‘show, don’t tell’ toe, maar speelt ze ook weer prachtig met de metafoor van de oude eenzame poes, die verwijst naar de ingrijpende stap die mensen maken als ze naar een verzorgingshuis verhuizen. Er zit een tweede verhaal onder. Het verhaal is gelaagd.

Dan kantelt het verhaal positief. De oude poes krijgt een tweede leven, ze verdrijft de eenzaamheid van een oude vrouw. Met dat mooie zinnetje dat teruggrijpt naar de jongere jaren van de poes: ‘Ze keek naar me zoals de kinderen die vroeger mijn kleintjes kwamen halen.’

Twee eenzame zielen vinden elkaar.

Het verhaal is geschreven vanuit het perspectief van de oude poes. Een verrassende invalshoek die dit verhaal uittilt boven het gemiddelde. Deze invalshoek is consequent volgehouden. Ook hier komt het woord ‘eenzaamheid’ in de hele tekst niet voor, maar spat van de regels af.

Het verhaal is niet bitter, het is geen aanklacht, het is zoals het is: na een druk en goed leven volgt een laatste fase, die vaak in eenzaamheid eindigt. Dit verhaal laat zien dat twee eenzame zielen elkaar een goede oude dag kunnen bezorgen. Dat één plus één soms ook drie kan zijn. Ontroerend en hoopvol slot. Als jury raden we iedereen aan dit prachtige feelgood verhaal te lezen.
Kortom, een winnaar. Chapeau. 

Jury: Ziggy Klazes, Ben de Graaf (Ben Tekstschrijver), Wouter van Ewijk

 

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Versterk het beroepsgeheim

Het is begrijpelijk, en in ons aller belang, dat hulpverleners hun mond houden als zij privacygevoelige informatie van hun cliënten of patiënten ontvangen. Het gaat om informatie die zij hebben verkregen in vertrouwen. Waarbij de aangever er vanuit gaat dat het binnenskamers blijft. Wie de wetgeving kent en de in het verlengde daarvan door beroepsgroepen van... Meer

Reageer |  reacties

Alsjeblieft, geen nieuwe Sarahs meer

Linda Terpstra is voorzitter van de raad van bestuur van Fier, een landelijk behandel- en expertisecentrum voor slachtoffers van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Samen met medebestuurslid Anke van Dijke richtte ze het Centrum tegen Kinderhandel en Mensenhandel op. Ze schrijft boeken, columns en houdt lezingen. Dit jaar ontving ze de hoogste koninklijke on... Meer

Reageer |  reacties

Veiligheid van de samenleving in
gevaar door beroepsgeheim

Discussieforum over professionaliteit in de zorg voor medisch specialisten, artsen, psychologen, bestuur en management. Van Der Hoef & Partners biedt u een platform, of forum, dat gebruikt zal worden om thema's die van belang zijn bij de dagelijkse praktijk van de geneeskunde te belichten. Een ruimte voor het voeren van een discours. ... Meer