Preventie: gewoon beginnen

28 april 2017

‘We hebben in 2030 te maken met zeven miljoen chronisch zieken, een kwart van de bevolking die ouderenzorg nodig heeft en een verdubbeling van de zorgkosten. Ook besteden we tegen die tijd zo'n veertig procent van het modaal inkomen aan zorgkosten. Dat kan zo niet doorgaan. Om de zorg ook financieel gezond te houden is er maar ťťn oplossing en dat is preventie en vroege opsporing van ziekte.’

Deze woorden sprak bestuursvoorzitter Jos Aartsen van het UMCG begin van het jaar uit tijdens een nieuwjaarsbijeenkomst. Het Groningse ziekenhuis maakt op eigen initiatief een start met het geven van leefstijladviezen aan patiŽnten. Dat gebeurt in de vorm van de pilot: de UMCG Leefstijlwijzer.

Niet ieder ziekenhuis voelt zich geroepen om zich bezig te houden met preventie. Dat is een taak van de overheid, zeggen veel medisch specialisten en ziekenhuisbestuurders. Een lid van de Raad van Bestuur van een UMC zei laatst op een bijeenkomst voor zorgmanagers dat het ziekenhuis gekeken heeft of er aandacht voor preventie kon komen. Maar helaas: ‘We konden er geen businessmodel van maken.’ Dus deden ze het niet. Er werd nog iets over de zorgverzekeraars gezegd, die het voortouw maar moesten nemen. Als iedereen verantwoordelijk is, is uiteindelijk niemand verantwoordelijk.

Ook in de verkiezingsdebatten die in februari en maart over ons uitgestort werden, kwam het onderwerp preventie nauwelijks aan de orde. Vrijwel niemand maakte zich druk over 20.000 tabaksdoden per jaar in Nederland. Nee, minder managers: dŠt hadden we nodig, riepen de politieke partijen in koor. Geen woord over de overgewichtepidemie, de explosieve toename van diabetes type 2, de risico’s van te weinig beweging.

Bariatrisch chirurg Maurits de Brauw vertelde onlangs in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde dat elk jaar zo’n 1600 mensen zich bij hem melden. Mensen die zo dik zijn dat ze niet buiten kunnen spelen met hun kinderen en zich uit schaamte aan het openbare leven onttrekken. Een gastric bypass is een laatste redmiddel, maar liever zou de Brauw zien dat de overheid haar verantwoordelijkheid neemt: ‘Op het gebied van gezonde voeding is er alleen slechte voorlichting en een convenant met de voedingsindustrie, waarin slechts harde afspraken staan over zoutreductie. De voornemens over vermindering van suikers en vetten zijn boterzacht.’ Universitair docent publieke geneeskunde Marielle Jambroes stelt in hetzelfde artikel dat de afzijdige houding van de overheid neerkomt op verwaarlozing van de bevolking.

En dat is niet voor niets: in ons land zijn 2,5 miljoen mensen laaggeletterd. Zij missen het minimale taalniveau om volwaardig in de maatschappij te functioneren. Het lezen en begrijpen van voedings- en gezondheidstips, voorlichtingsfolders en bijsluiters lukt dan lang niet altijd. Een laaggeletterde is bovendien 3 keer zo vaak obees, leeft bijna 20 jaar langer in een slechte gezondheid en sterft gemiddeld 6 jaar eerder dan iemand met een hoog opleidingsniveau. Waarom accepteren we dat?

Het is 2017. Hoog tijd dat we omstandigheden gaan creŽren waarin gelijke kansen op gezondheid ontstaan. Het maakt niet uit wie ermee begint: de overheid, de zorgverzekeraar of het ziekenhuis. Naar elkaar blijven wijzen helpt daar niet bij. Gewoon beginnen wel. Dat compliment mag het UMCG in elk geval alvast in zijn zak steken. 

Volg AliŽtte Jonkers ook via Twitter: @aliettejonkers

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Geen personalised medicine zonder personomics

Het is de nieuwe heilige graal: personalised medicine. De leek die erover hoort, denkt al snel dat het walhalla binnen handbereik is. Nog even, en de dokter kan een behandeling geven die helemaal op jouzelf is toegesneden. Zou het?

Big data Het heet natuurlijk niet voor niets personalised medicine, en niet gepersonaliseerde zorg; al is de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra NFU niet zo stellig in dit onderscheid. De toelichting op dit begrip begint de NFU met de zinnen: ĎPrecies de juiste zorg voor elke individuele patiŽnt, met een minimum aan bijwerkingen, tegen minimale kosten, zo dicht mogelijk bij huis. (...) Daarvoor is een revolutie nodig, zowel in kennisverwerving als in de organisatie van de zorg.í
Meer

Reageer |  reacties

Staat de patiŽnt wel centraal?

Enige tijd geleden sprak ik een vrijgevestigd klinisch psychologe over haar ervaringen binnen de geestelijke gezondheidszorg. Zij vertelde over een depressieve patiŽnte die zij wilde verwijzen naar de crisisdienst van de regionale GGZ-instelling. Zij vertelde dat zij deze patiŽnte niet kon/mocht doorverwijzen, dat de huisarts dat moest doen, maar dat die op vakantie was en zijn waarnemer de patiŽnte eerst wilde zien voordat hij zou kunnen doorverwijzen, dat deze waarnemer deze patiŽnte niet wilde doorverwijzen, omdat hij het met de diagnose niet eens was, dat de psychologe de patiŽnte toen presenteerde aan een bevriende psychiater, die patiŽnte vervolgens terstond verwees naar de crisisdienst, die de patiŽnte tijdelijk in behandeling nam, en om het af te sluiten niet met de klinisch psychologe, de behandelaar overlegde maar met de bevriende psychiater, die de patiŽnte na ťťn gesprek had doorverwezen, en haar nauwelijks kende.
Meer

Reageer |  reacties

Millennials missen een ontwikkeld backoffice

De Facebookgeneratie ofwel de millennials (geboren tussen 1980 en 2000) overbevolken onze GGZ. In tien jaar tijds nam bij deze generatie het slikken van antidepressiva met 40% toe. 72.000 zitten er vanwege arbeidsongeschiktheid thuis; in grote meerderheid gaat het om psychische themaís. In de GGZ trakteren wij ze op een etikettenepidemie: dyslexie, ADHD, ADD, hoogbegaafdheid, PTSS, autisme, Asperger, NLD, dyscalculie, borderline.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten