Krimp is onvermijdelijk

11 december 2013

Als klein het nieuwe groot is, zijn ziekenhuizen de nieuwe openbare apotheken. De winst van het preferentiebeleid heeft de zorgverzekeraars een kostenbesparing opgeleverd waarmee ze de zorgpremie voor 2014 aanzienlijk hebben verlaagd. En nu zijn de ziekenhuizen aan de beurt. De zorgverzekeraars hebben in de inkooponderhandelingen voor 2014 scherp ingezet. Sommige ziekenhuisbestuurders reageren daar furieus op, andere hebben al door dat ze de tering naar de nering moeten zetten.
Ziekenhuizen merkten vorig jaar tot hun verbazing dat ze hun begrote productiecijfers niet haalden. De zorgverzekeraars benutten dit gegeven voor de zorginkoop van 2014 en zullen erop sturen om te zorgen dat de productie ook in de jaren daarna blijft dalen. Deels door sterk in te zetten op de eerste lijn, zodat de professionals aldaar kunnen voorkomen dat de patiŽnt naar het ziekenhuis moet. Deels ook door in collectieve contracten met grote werkgevers naturapolissen dermate aantrekkelijk te maken dat ze voldoende volume aan werknemers/verzekerden krijgen om ziekenhuiszorg selectief te kunnen inkopen. En deels door sturend op te treden in het proces van spreiding en concentratie.

Het gevolg zal zijn dat de ziekenhuizen geen andere keuze meer hebben dan mee te gaan met de stroom en dus de omslag te maken van groei- naar krimpscenario's. Omdat ze gefinancierd worden uit gemeenschapsgeld, mogen we van ze verwachten dat ze hierin een actieve rol willen spelen. De ziekenhuizen die inmiddels met lean aan de slag zijn gegaan, merken nu al dat nog veel ruimte bestaat voor procesoptimalisatie. Maar lean is geen bezuinigingsoperatie en ziekenhuizen zullen dus verder moeten gaan dan "een beetje lean doen". Medisch specialisten kunnen hierin actief het voortouw nemen. Ze kunnen professionals in de eerste lijn kennis aanreiken om zoveel mogelijk zorg in de eerste lijn te houden. Slagen zij hierin, dan betekent dit een verrijking voor hun eigen werk: ze creŽren dan ruimte voor het specialistische werk waarvoor ze opgeleid zijn en kunnen de routinezorg overlaten aan de generalisten die juist hierin hun meerwaarde hebben. Ook ziekenhuisbestuurders kunnen stappen zetten om het rendement van hun organisaties te verhogen en dus interessanter contracteerpartijen te worden. Verpleegafdelingen samenvoegen bijvoorbeeld. De afdeling inkoop de deur uitdoen, omdat inkoop geen kernactiviteit van een ziekenhuis is en andere partijen dit beter kunnen. Behandelingen afstoten die onvoldoende rendement opleveren.

Degenen die roepen dat door dit laatste de continuÔteit van de ziekenhuiszorg in gevaar kan komen, kan ik al op voorhand terechtwijzen. De zorgverzekeraars hebben een zorgplicht voor hun verzekerden, dus ze hebben niet de speelruimte om het zover te laten komen. Ook zij zullen zich aan de regels van het spel moeten houden.
Maar dat zij de partij zijn die in dit spel de beste kaarten in handen hebben, is duidelijk. Is dat macht? Het is in ieder geval kracht, en het is zoals het zorgstelsel bij de introductie ervan in 2006 bedoeld is. Zo lang die kaarten symbool staan voor verzekerden, is met de geschetste verhoudingen ook niets mis. Goed omgaan met schaarste is een grote rijkdom.

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Geen personalised medicine zonder personomics

Het is de nieuwe heilige graal: personalised medicine. De leek die erover hoort, denkt al snel dat het walhalla binnen handbereik is. Nog even, en de dokter kan een behandeling geven die helemaal op jouzelf is toegesneden. Zou het?

Big data Het heet natuurlijk niet voor niets personalised medicine, en niet gepersonaliseerde zorg; al is de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra NFU niet zo stellig in dit onderscheid. De toelichting op dit begrip begint de NFU met de zinnen: ĎPrecies de juiste zorg voor elke individuele patiŽnt, met een minimum aan bijwerkingen, tegen minimale kosten, zo dicht mogelijk bij huis. (...) Daarvoor is een revolutie nodig, zowel in kennisverwerving als in de organisatie van de zorg.í
Meer

Reageer |  reacties

Staat de patiŽnt wel centraal?

Enige tijd geleden sprak ik een vrijgevestigd klinisch psychologe over haar ervaringen binnen de geestelijke gezondheidszorg. Zij vertelde over een depressieve patiŽnte die zij wilde verwijzen naar de crisisdienst van de regionale GGZ-instelling. Zij vertelde dat zij deze patiŽnte niet kon/mocht doorverwijzen, dat de huisarts dat moest doen, maar dat die op vakantie was en zijn waarnemer de patiŽnte eerst wilde zien voordat hij zou kunnen doorverwijzen, dat deze waarnemer deze patiŽnte niet wilde doorverwijzen, omdat hij het met de diagnose niet eens was, dat de psychologe de patiŽnte toen presenteerde aan een bevriende psychiater, die patiŽnte vervolgens terstond verwees naar de crisisdienst, die de patiŽnte tijdelijk in behandeling nam, en om het af te sluiten niet met de klinisch psychologe, de behandelaar overlegde maar met de bevriende psychiater, die de patiŽnte na ťťn gesprek had doorverwezen, en haar nauwelijks kende.
Meer

Reageer |  reacties

Millennials missen een ontwikkeld backoffice

De Facebookgeneratie ofwel de millennials (geboren tussen 1980 en 2000) overbevolken onze GGZ. In tien jaar tijds nam bij deze generatie het slikken van antidepressiva met 40% toe. 72.000 zitten er vanwege arbeidsongeschiktheid thuis; in grote meerderheid gaat het om psychische themaís. In de GGZ trakteren wij ze op een etikettenepidemie: dyslexie, ADHD, ADD, hoogbegaafdheid, PTSS, autisme, Asperger, NLD, dyscalculie, borderline.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten