Een verslaving aan controle

22 november 2018

‘Een administratief beroep? Denk eens aan de zorg’. Psychiater Menno Oosterhoff schreef vorig jaar onder deze titel een blog op Medisch Contact. Bijtende spot, die de frustratie van zorgverleners over bureaucratie en regelgekte onverbloemd weergeeft. Onder het stuk stond een reactie van een kinderarts. Zij was inmiddels gepensioneerd, maar is nog steeds bevriend met een kinderverpleegkundige die onlangs tegen haar verzuchtte: ‘Ik heb tegenwoordig vaker een muis in mijn handen dan een kind.’

Waarom toch? Oosterhoff geeft in zijn blog het antwoord dat veel zorgverleners geven: het huidige systeem is gebaseerd op wantrouwen. Daarom moeten patiŽntendossiers zo gedetailleerd worden bijgehouden. Formeel is zo’n dossier er voor de behandeling, zegt Oosterhoff, maar in de praktijk is het uitgegroeid tot een economische en juridische verantwoording van alles wat je doet.
Op zich is daar weinig mis mee. Om met Bart Cusvellers, lector Verpleegkundige Zorgethiek te spreken: willen we de zorgpraktijk verbeteren, dan is het belangrijk dat er verantwoording wordt afgelegd over het eigen handelen. Geloven dat je er goed aan doet, is niet voldoende. Daar kom je ook voor de tuchtrechter niet mee weg. Maar dat is iets anders dan de eindeloze lijst aan administratieve verplichtingen waaraan zorgverleners moeten voldoen. Dat lijkt eerder op een verslaving aan controle.

Het punt is dat we in een samenleving zijn belang waar de risicoregelreflex bij elk incident opspeelt: de reflexmatige reactie om snel en (ogenschijnlijk) daadkrachtig ‘iets te regelen’. Een bekende uitspraak die bestuurders dan graag hanteren is: 'Dit mag nooit meer gebeuren'.

De harde waarheid is dat er altijd vreselijke dingen zullen gebeuren, hoe ijverig iedereen ook zijn best doet om ze tegen te houden. Natuurlijk: veel incidenten zijn terecht laakbaar. Denk aan een tuchtzaak waarbij een verpleegkundige met een doucheslang zonder kop een patiŽnte probeerde te laxeren. Dat had ze twee keer eerder gedaan, met goed resultaat. Maar de derde keer liep het fataal af. De patiŽnt overleed. Onnodig en dom.

Maar dat psychiaters verplicht zijn om – ik noem een voorbeeld – aan een 9-jarig hyperactief kind te vragen of hij suÔcidaal is, dat is eerder vragen om problemen dan ze voorkomen. En na al het bedenken van die regeltjes, verplichtingen en afvinklijsten is er nu een actieplan (Ont)Regel de Zorg van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport opgetuigd. Er zijn in dat kader wel weer nieuwe lijstjes bedacht met tientallen actiepunten per sector om alle eerder bedachte actiepunten weer af te schaffen. Als dat maar goed gaat.

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Waar oneindigheid ontstaat

Het was iets in die fonkelende ogen van je. Iets waardoor ik het meteen wist. Jij was degene met wie ik oud wilde worden. Al snel werd ik verliefd op elk klein detail van je. Op je houterige geur, op de kuiltjes in je wangen als je lachte. Op onze gesprekken, tot midden in de nacht. Je vertelde me hoe je baalde van al het onrecht in de wereld, dat je een nie... Meer

Reageer |  reacties

Verzuip maar in die soep!

Hij vertelde hoe hij naar zijn auto had lopen zoeken. Hij wist zeker dat hij hem hier had geparkeerd. Hij liep een rondje door de parkeergarage, en toen nog een, allengs ongeruster. Hij was al zeker twintig minuten aan het zoeken Ė het parkeerkaartje was allang niet meer geldig Ė toen hij de hulp inriep van de parkeerwachter. De jongen straalde de rust uit v... Meer

Reageer |  reacties

Schurende steentjes

Hij zit er weer. Ik zie alleen zijn achterhoofd met grijs, dik haar. Elke dag rond het middaguur zit hij in z'n eentje op het bankje dat uitkijkt over de vijver die middenin het industrieterrein ligt. Ik bekijk hem vanachter licht getint glas, zeshoog in een kantorencomplex. Ik wiebel op mijn hakken. Hij zit daar om zijn dag te breken en ik ren de hele dag m... Meer

Reageer |  reacties