No Guts no Glory!

19 juni 2014

De afgelopen maanden is weer veel discussie gevoerd over “de macht van de zorgverzekeraar”. Terecht of niet, deze discussie brengt de zorgprofessionals die haar voeren niet verder. Het is altijd de bedoeling geweest van het huidige stelsel de zorgverzekeraars hierin de regierol te geven. Wie het niet met deze rol eens is, moet niet de uitvoerders van het stelsel verwijten maken maar de beleidsmakers ervan, VWS dus. 

De zorgverzekeraars zouden een groot probleem hebben als zij hun regierol niet naar behoren vervulden. Natuurlijk valt dan nog te discussiŽren over de vraag wat “naar behoren” is, maar ook dat levert niets op. Het zijn immers niet de burgers (ofwel: verzekerden, patiŽnten) die deze discussie voeren, maar de medische en paramedische beroepsbeoefenaren. En zo lang het niet massaal de burgers zijn, heeft het kabinet onvoldoende reden om het stelsel te herzien. Bovendien plaatsen de discussievoerders zichzelf per definitie op achterstand. Ze organiseren er op geen enkele manier tegenmacht mee, dus de beleidmakers en uitvoerders hoeven zich niet heel veel van hen aan te trekken. Dat doen ze dan ook niet.

Het enige alternatief is uit het stelsel stappen en rechtstreeks zaken doen met de patiŽnt. We zien een toenemende bereidheid onder de fysiotherapeuten om precies dit te doen, en meer zorgprofessionals kunnen het. Het vraagt echter twee dingen: lef en marketing. Wie dit doet, moet de lef hebben om de vertrouwde wereld van de zorgcontractering los te laten en als een echte ondernemer verder te gaan. Een ondernemer is iemand die binnen een bepaalde discipline een aanbod ontwikkelt waarin hij een dusdanige kwaliteit levert dat hij erop kan vertrouwen dat hij er afnemers voor vindt. Die werft hij ook actief, via marketing,. In de discussie over “de macht van de zorgverzekeraar” zijn er heel wat zorgprofessionals die zeggen dat de zorgverzekeraars zich niet moeten bemoeien met de kwaliteit van hun werk. Hun eigen patiŽnten weten zelf wel hoe goed die kwaliteit is, daar hebben zij de zorgverzekeraars niet voor nodig. In deze stellingname ligt al een belangrijke kern van ondernemerschap besloten: klantbesef. Durf dan ook echt ondernemer te zijn. Heb dan ook de lef om tegen je patiŽnten te zeggen: “Je komt niet naar mijn praktijk omdat je je laat sturen door een partij die helemaal niets van mijn werk begrijpt, maar omdat je zelf weet dat ik je kwaliteit lever. Ik help je met je gezondheidsklacht en dat doe ik heel erg goed. Zo goed dat je bereid bent mij daarvoor te betalen als je zorgverzekeraar dat niet doet”. Be good and tell it dus, de basis van marketing.

Betalende klanten hebben omdat je ze kunt overtuigen van de kwaliteit van het werk dat je ze biedt voor hun geld. Schuilt daar niet een zekere redelijkheid in?

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Geen personalised medicine zonder personomics

Het is de nieuwe heilige graal: personalised medicine. De leek die erover hoort, denkt al snel dat het walhalla binnen handbereik is. Nog even, en de dokter kan een behandeling geven die helemaal op jouzelf is toegesneden. Zou het?

Big data Het heet natuurlijk niet voor niets personalised medicine, en niet gepersonaliseerde zorg; al is de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra NFU niet zo stellig in dit onderscheid. De toelichting op dit begrip begint de NFU met de zinnen: ĎPrecies de juiste zorg voor elke individuele patiŽnt, met een minimum aan bijwerkingen, tegen minimale kosten, zo dicht mogelijk bij huis. (...) Daarvoor is een revolutie nodig, zowel in kennisverwerving als in de organisatie van de zorg.í
Meer

Reageer |  reacties

Staat de patiŽnt wel centraal?

Enige tijd geleden sprak ik een vrijgevestigd klinisch psychologe over haar ervaringen binnen de geestelijke gezondheidszorg. Zij vertelde over een depressieve patiŽnte die zij wilde verwijzen naar de crisisdienst van de regionale GGZ-instelling. Zij vertelde dat zij deze patiŽnte niet kon/mocht doorverwijzen, dat de huisarts dat moest doen, maar dat die op vakantie was en zijn waarnemer de patiŽnte eerst wilde zien voordat hij zou kunnen doorverwijzen, dat deze waarnemer deze patiŽnte niet wilde doorverwijzen, omdat hij het met de diagnose niet eens was, dat de psychologe de patiŽnte toen presenteerde aan een bevriende psychiater, die patiŽnte vervolgens terstond verwees naar de crisisdienst, die de patiŽnte tijdelijk in behandeling nam, en om het af te sluiten niet met de klinisch psychologe, de behandelaar overlegde maar met de bevriende psychiater, die de patiŽnte na ťťn gesprek had doorverwezen, en haar nauwelijks kende.
Meer

Reageer |  reacties

Millennials missen een ontwikkeld backoffice

De Facebookgeneratie ofwel de millennials (geboren tussen 1980 en 2000) overbevolken onze GGZ. In tien jaar tijds nam bij deze generatie het slikken van antidepressiva met 40% toe. 72.000 zitten er vanwege arbeidsongeschiktheid thuis; in grote meerderheid gaat het om psychische themaís. In de GGZ trakteren wij ze op een etikettenepidemie: dyslexie, ADHD, ADD, hoogbegaafdheid, PTSS, autisme, Asperger, NLD, dyscalculie, borderline.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten