"Feedback geven en ontvangen; het vraagt verantwoordelijkheid (op maat) van beiden!"

16 juli 2012

In je column vertel je over de horkerige huisarts die niet uit de voeten kan met jou huilen en maant om je niet aan te stellen. Ik kan heel goed invoelen dat je je door haar niet begrepen voelt en pissig bent . Je wenst of stelt je vervolgens de opdracht om de feedback voedend te laten zijn. Want je wil dat zij zich opent voor jouw visie of mening. Je wil niet je punt maken maar de ander iets geven. Je wilt iets terug geven dat de ander voedt.

Toch ‘raspt’ er in mij het een en ander als ik je column lees.

Ik zal trachten om uit te leggen wat dat is.
Door de opmerking “het is niet altijd gemakkelijk om te zien dat patiŽnten geraakt worden, hť? ” wordt de verhouding tussen hulpvrager en hulpbieder , omgekeerd naar mijn gevoel. Je gaat als het ware boven de ander staan, het heeft (onbedoeld) iets belerend omdat je ongevraagd psychologiseert. Je psychologiseert dat de huisarts onmachtig is in het omgaan met de existentiŽle angst(en) van haar patiŽnt. Je treedt dan als het ware ongevraagd in haar ‘emotionele nachtkastje’ door te veronderstellen dat zij onmachtig is in het omgaan van de emoties van haar patiŽnt. Dat psychologiseren was niet het geval geweest als de huisarts aan jou als haar coach gevraagd zou hebben naar jouw psychologisch inzicht over haar handelen.
Daarnaast heeft het iets tegennatuurlijks omdat je je in een afhankelijke, onzekere en kwetsbare situatie bevindt waar ook een existentiŽle angst meespeelt en je de tegenwoordigheid en hyperbewustheid van jezelf vraagt om daar emotioneel distantie van te nemen . Daardoor krijgt het iets gekunsteld en ik meen dat je je tť verantwoordelijk maakt voor de interactie. In de opmerking “het is niet altijd gemakkelijk om te zien dat patiŽnten geraakt worden, hť?”. Mijn inziens neem je meer verantwoordelijkheid voor de communicatie dan nodig is. Jij denkt voor de ander, voelt voor de ander en werkt harder aan de relatie dan de ander. In communicatie en beÔnvloeding tussen jullie twee (huisarts en patiŽnt) zijn beiden verantwoordelijk voor het slagen van de interactie. En als ťťn van beiden zich meer verantwoordelijk zou mogen voelen in die situatie dan is het de hulpverlener door haar positie waartoe zij zich verhoudt tot jou en de grotere emotionele distantie die zij heeft (want het gaat niet over een knobbeltje bij haar).
Dus denk ik dat het enerzijds meer recht aan de verhouding tussen jullie (hulpvrager/hulpverlener) en anderzijds meer ‘naturel’ was geweest als je het gezegd had op het moment dat je voelde dat ze je ‘pijn’ deed door deze horkerige opmerking: “ik voel me buitengesloten, onbegrepen door jou. Ik ben angstig door hetgeen een goede vriendin me is overkomen. Ik vind dat je mijn gevoelens negeert”. Je gaat dan niet psychologiseren (over hetgeen gemaakt zou kunnen hebben dat zij zo handelde). Je blijft wel patiŽnt (met een hulpvraag) en maakt je niet over-verantwoordelijk voor communicatie en jullie verstandhouding.

Het is overigens in het algemeen gesproken ook niet gemakkelijk om nadrukkelijk je angst en kwetsbaarheid te benoemen net nadat de arts je emoties heeft ontkent. Het vraagt veel van een mens qua evenwichtigheid (ik zou wensen dat ik het kon) om in zulke omstandigheden trouw te zijn aan je gevoel en zo dicht bij jezelf kan blijven zelfs als de ander je emoties negeert .

In de situatie van de te laat komende patiŽnt vind ik je vindingrijke interventie ( “ik begrijp dat controle over je tijd belangrijk voor je is … en ik zie ook dat dat niet altijd werkt voor anderen”) niet ‘raspen’ . Omdat de interventie de professionele verhouding bevestigt in plaats van verstoord. Ook ben je ‘gelegitimeerd’ om iets over zijn controlebehoefte te vinden en te zeggen omdat hij een hulpvraag heeft (bij de gratie van het feit dat hij je coachťe is).

Feedback geven is een kunst omdat onze eigen blinde vlekken , en geraaktheid er tussen kunnen staan maar we moeten ons niet over-verantwoordelijk maken voor de verhouding en dat maakt het misschien een beetje minder moeilijk.

In je stuk sluit je af met de opmerking dat feedback geven een kunst is en daar is geen woord teveel over gezegd wat mij betreft. Overigens vind ik feedback ontvangen ook geen eitje, zelfs niet als het om positieve feedback gaat. In een groep coaching situatie zit een vrouw die de zeer terecht haar toekomende complimenten van andere groepsleden wegwuift. Ook ik heb haar meerdere malen pluimen gegeven . Ik merkte dat ik geÔrriteerd raakte omdat ze mijn complimenten niet serieus nam en dat heb ik tegen haar gezegd (in de groep). Dat was niet haar bedoeling en ze schrok (in constructieve zin ) van haar verantwoordelijkheid voor de wijze waarop zij met de feedback van de ander omgaat. Ze is zich nu meer bewust van het feit dat ze een ander kwetst als deze de nek uitsteekt door feedback te geven . Ze is zich ook meer bewust dat zij een ander afwijst als ze feedback niet onderzoekt maar wegwuift . Juist dit onderzoeken kan haar helpen om haar zelfbeeld (dat zo negatief is waardoor complimenten weggewuifd moeten worden) bij te stellen.

Voor mij blijft het ontvangen van feedback telkens een drempel (die heel langzaam minder hoog lijkt te worden), maar erachter ligt een eerlijke, emotioneel hygiŽnische wereld die me houvast geeft over wat ik kan, wat ik beteken voor anderen , wie ik ben. Ik heb de feedback van anderen nodig, ook al zit ik er niet altijd op de wachten. Daarnaast heb je ook rekening te houden met en ben je tot op zekere hoogte verantwoordelijkheid voor de wijze waarop je omgaat met de feedbackgever. De verantwoordelijkheid (daar is het woord weer ) daarin is bovenal om de feedback die je krijgt grondig te onderzoeken. Dat wil zeggen de feedbackgever te bevragen hoe deze het ziet. Daarna kan je besluiten om het naast je te neer te leggen of juist niet.

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Een zondebok aanwijzen helpt niet

In het boek ĎVeiligheid in de ggz. Leren van incidenten en calamiteitení dat psychiater Alette Kleinsman en calamiteitenonderzoeker Nico Kaptein onlangs publiceerden, komen drie lessen steeds weer terug. Een: het helpt niet om Ė in het geval van een ernstig incident of calamiteit Ė een zondebok te zoeken, want fouten worden gemaakt als sluitstuk van een proces waaraan allerlei professionals een bijdrage leveren. Twee: zorg voor een open cultuur waarin iedereen zich vrij voelt om elkaar aan te spreken. En drie: zorg ervoor dat iedereen zich verantwoordelijk voelt voor veiligheid.
Meer

Reageer |  reacties

Duizend bloemen, een paar teveel

Hoogleraar Jim van Os sprak recent in NRC Handelsblad zijn zorg uit over de achteruitgang van de psychiatrie in Nederland. Het toenemend aantal gevallen van euthanasie bij mensen met ernstige psychische aandoeningen is daar volgens hem een symptoom van. De verwaarlozing kost mensenlevens. Hij bepleit een focus op persoonlijk herstel. Marian Draaisma van zorginstelling Pluryn klaagde in dezelfde week in het AD over een verschuiving van werkzaamheden van de jeugdpsychiatrie naar de jeugdzorg. Dit verklaart volgens haar waarom het aantal suÔcides bij de betrokken jongeren nog nooit zo hoog is geweest. Ook hier gaat het om vragen over leven en dood. De oplossing ligt hier in de handen van gemeenten. En GGZ-instelling Emergis in Zeeland dreigde eind augustus met een behandelstop voor de rest van dit jaar. De zorgverzekeraar heeft te weinig zorg ingekocht.
Meer

Reageer |  reacties

FACT-werk en specialistische zorg in ťťn team

ĎBinnen GGZ Noord-Holland-Noord hebben we drie programmaís geschreven die de komende drie jaar hun beslag moeten krijgení, vertelt Marijke van Putten, lid van de raad van bestuur. ĎVoorheen werkten we via twee sporen: de FACT-teams en diagnostisch gerichte specialistische teams. Deze voegen we samen tot geÔntegreerde teams die wijk- en herstelgericht zijn. Teams met ervaringsdeskundigen en IPS-medewerkers die mensen begeleiden naar werk, maar ook met specialistische behandelkennis.í
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten