Protocollen: destructie van onze professie of ruimte voor creatieve expansie?

29 augustus 2013

Joseph Schumpeter, vooraanstaand econoom van de neoliberale Chicago School, leende het Marxistische concept van “creatieve destructie van het kapitalisme” om uit te leggen dat een vrije economie een continue cyclus van destructie en creatie is. Innovatie en ondernemerschap zijn, in de opinie van Schumpeter, de essentiŽle dimensies van deze verandering. Dit concept van creatieve destructie heeft ook implicaties voor de anesthesiologie. Aangezien wij anesthesiologen zijn, zullen wij de thema’s van de anesthesiologische professie en protocollen gebruiken als voorbeeld van hoe destructie weer naar innovatie kan leiden.

Het is onnodig nog eens te betogen dat gestandaardiseerde zorg voor patiŽnten voordelen oplevert. Protocollen, checklists en standard operating procedures (SOP’s) hebben op vele gebieden de klinische uitkomst verbeterd. Standaardisering heeft voordelen, maar ook nadelen. Een van de nadelige gevolgen is –technisch gezien- de deprofessionalisering van het vak anesthesiologie. In die zin is standaardisering tot nu toe een destructieve kracht in onze professie geweest.

Een gangbare definitie van professie behelst immers een monopolie op besluitvorming en de vrijheid om te goeder trouw te handelen, gebaseerd op hoogwaardige en unieke kennis. In de anesthesiologie leidt verregaande standaardisering en protocollering tot het vereenvoudigen van de toegankelijkheid van het professioneel domein voor andere beroepsgroepen zoals verpleegkundigen. Het is niet moeilijk te begrijpen dat wanneer er een protocol aanwezig is, een hoogwaardig en uniek kennisniveau niet meer nodig is om het te implementeren. In het domein van de sedatie zien wij bijvoorbeeld, dat door het zorgvuldig binnen strakke marges definiŽren van competenties en het stellen van stringente veiligheidsvoorwaarden sedatie-medewerkers tegenwoordig de functie kunnen vervullen die nog niet zo lang geleden uitsluitend aan anesthesiologen was voorbehouden.

Er kleven duidelijk meer nadelen aan standaardisering. Een belangrijk nadeel is over simplificatie van een complex kennissysteem, dat van tacit knowledge. Deze kennis, die in het geval van artsen, afstamt van jarenlang studeren en ervaring opbouwen, is uiterst moeilijk te systematiseren. Standaarden en protocollen dragen verder bij aan het vergroten van juridische controle en aan een grotere dominantie van het management en de overheid, wat uiteindelijk resulteert in het ernstige inperken van de vrijheid van handelen in het belang van patiŽnten. Verder leert de ervaring dat protocollen zeer hardnekkig kunnen zijn en uiterst moeizaam overboord gezet kunnen worden als een organisatie er eenmaal op ingesteld is, terwijl er een chronische update-gap ontstaat tussen de geschreven ziekenhuis-protocollen en recente kennis gebaseerd op best evidence.

Echter het grootste en meest zorgwekkende nadeel van protocollen is het feit dat ze per definitie voorbij gaan aan de individualiteit van de patiŽnt. PatiŽnten zitten immers niet te wachten op een flowchart, maar verwachten van hun arts een persoonlijke benadering en diepgaande professionele patiŽnt-arts relatie.

Wanneer een professioneel domein eenmaal wordt gekopieerd, is het onmogelijk de professionele status te herstellen en is terugkeer naar het oude monopolie op besluitvorming uitgesloten.

Wij zien ondanks de huidige de-professionalisering van de anesthesiologie toch mogelijkheden: de destructie van het oude systeem zal veel goeds met zich mee brengen. Anesthesiologen zullen hun professionele omgeving moeten her evalueren, hun educatie aanpassen en hun vaardigheden complementeren met nieuwe vaardigheden, en op die manier het specialisme herdefiniŽren en versterken. In het nieuwe professionele tijdperk zal de anesthesioloog zich ook moeten bekwamen in zaken zoals epidemiologie, management, public policy en ethiek. Aangezien de grootste concentratie van kennis over hoog complexiteit zich daar bevindt zal expansie van de professie buiten geprotocolleerde gebieden geleid moeten worden door universiteiten en kenniscentra… en zodoende zal de creatieve expansie van de professie zich materialiseren.

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Staat de patiŽnt wel centraal?

Enige tijd geleden sprak ik een vrijgevestigd klinisch psychologe over haar ervaringen binnen de geestelijke gezondheidszorg. Zij vertelde over een depressieve patiŽnte die zij wilde verwijzen naar de crisisdienst van de regionale GGZ-instelling. Zij vertelde dat zij deze patiŽnte niet kon/mocht doorverwijzen, dat de huisarts dat moest doen, maar dat die op vakantie was en zijn waarnemer de patiŽnte eerst wilde zien voordat hij zou kunnen doorverwijzen, dat deze waarnemer deze patiŽnte niet wilde doorverwijzen, omdat hij het met de diagnose niet eens was, dat de psychologe de patiŽnte toen presenteerde aan een bevriende psychiater, die patiŽnte vervolgens terstond verwees naar de crisisdienst, die de patiŽnte tijdelijk in behandeling nam, en om het af te sluiten niet met de klinisch psychologe, de behandelaar overlegde maar met de bevriende psychiater, die de patiŽnte na ťťn gesprek had doorverwezen, en haar nauwelijks kende.
Meer

Reageer |  reacties

Millennials missen een ontwikkeld backoffice

De Facebookgeneratie ofwel de millennials (geboren tussen 1980 en 2000) overbevolken onze GGZ. In tien jaar tijds nam bij deze generatie het slikken van antidepressiva met 40% toe. 72.000 zitten er vanwege arbeidsongeschiktheid thuis; in grote meerderheid gaat het om psychische themaís. In de GGZ trakteren wij ze op een etikettenepidemie: dyslexie, ADHD, ADD, hoogbegaafdheid, PTSS, autisme, Asperger, NLD, dyscalculie, borderline.
Meer

Reageer |  reacties

Voorkůmen is beter dan genezen

Denkt u eens na over het volgende rijtje: een jurist, een kantoorbeambte cq boekhouder, een rechtsgeleerde, een leraar, een voormalig metaalarbeider en vakbondsbestuurder, een arts, een jurist, een scheikundige, een voormalig secretaresse, een politicoloog en jurist, een TV-producer, een arts, een econoom, een historicus annex internationale betrekkingen-expert, een socioloog en een politicoloog. Weet u al waar ik op doel? Dat is de achtergrond van de ministers die de afgelopen 40 jaren Volksgezondheid in hun portefeuille hebben gehad.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten