De transitie van de jeugdzorg is een kans!

10 juli 2014

De jeugdzorg wordt definitief gemeentezorg, de wetgever heeft gesproken. Een kleine 100.000 handtekeningen tegen dit voornemen mochten niet baten en alle jobstijdingen over het onvermogen van gemeenten ten spijt, de krachten van professionals en ambtenaren moeten nu worden gebundeld en tegenstellingen overbrugd. 

In plaats van het aloude financieringsonderdak bij de zorgverzekeraars en daarmee sterk verbonden met biomedisch model denken in termen van ziekte, stoornis, DSM-etiket en – in ons breintijdperk – een overdreven aandacht voor de neurobiologie, liggen er nu kansen om de problematiek van kinderen, jeugdigen en jongeren veel meer in haar sociale en psychologische kern te begrijpen. 

De bij kinderen en jongeren meest voorkomende klachten hebben met angst- en stemming (met name depressie) te maken. Dit zijn voor het merendeel psychische aandoeningen met vaak ook sociale wortels die het beste passen in een psychosociaal model. Onder een vergrootglas valt keer op keer op dat jongeren met deze klachten zich vast voelen lopen in relaties met hun familie en intieme vrienden. Ze drukken dit dan uit in een laag gevoel van eigenwaarde en in zelfverwijten. 

We weten wel heel goed dat jongeren met emotionele problemen in de regel verbeteren zodra hun interpersoonlijke relaties erop vooruit gaan. Onrust en escalaties zijn onderdeel van de leefwereld van veel jongeren, een relatief kleine subgroep met externaliserende problemen kan gaandeweg niet meer zonder escalatie. Voor hen past een rustige (neurotische) sociale omgeving evenmin als een broek die in de was is gekrompen. 

In plaats van redelijk adequate hechting is onthechting en verstoorde gehechtheid de regel. Deze laag van de bevolking, die niet participeert in de burgerlijk samenleving en overal een eigen koers vaart, bestaat al net zo lang als de samenleving zelf en is wellicht vooral kleiner geworden gedurende de laatste 35 jaar. Maar ze zijn ook rijker, impulsiever, assertiever, exhibitionistischer en meer bewust van hun achterstand geworden. 

Ze emanciperen zich en die emancipatie leidt ertoe dat ze door middel van hun primaire overdrachten rammelen aan de poorten van degenen die wel zijn opgeleid, regulier werk hebben en een toekomst. Criminaliteit en overlast bezorgen is voor deze groep dagelijkse kost. Vooral in de steden vallen ze op en door de krantenverhalen lijkt het alsof de groep groter is geworden dan voorheen. Ze creŽren hun eigen narcistische heroÔek.

In dit opzicht bewegen ze mee met de rest van de samenleving, en ze eisen ook hun plaats op, hun gezondheid en een inkomen. Het zijn merendeels jongens. Met een psychodiagnostische bril op hebben ze diverse gedragsstoornissen en zijn ze verslaafd aan middelen. DSM-kunstenaars zien autisme spectrum stoornissen, ADHD, persoonlijkheidsstoornissen van het cluster B, borderline en antisociaal. Het etiket roept in ogen van goed willende professionals meteen een indicatie voor behandeling op. 

Psychiaters vermoeden ernstige genetische afwijkingen, denken aan zeldzame neurologische ziekten en claimen dat zij moeten acteren en behandelen. De behandelaars vanuit de psychologie en psychiatrie moeten bij deze groep terugtreden, hun behandelingsmethoden zijn hier totaal ongeschikt. Deze groep wordt alleen verder geholpen door sociale interventies gericht op een relatie, werk en een woning. Vanuit de gemeentes – dichtbij en bekend met de wijk – maken deze interventies meer kans. 

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Staat de patiŽnt wel centraal?

Enige tijd geleden sprak ik een vrijgevestigd klinisch psychologe over haar ervaringen binnen de geestelijke gezondheidszorg. Zij vertelde over een depressieve patiŽnte die zij wilde verwijzen naar de crisisdienst van de regionale GGZ-instelling. Zij vertelde dat zij deze patiŽnte niet kon/mocht doorverwijzen, dat de huisarts dat moest doen, maar dat die op vakantie was en zijn waarnemer de patiŽnte eerst wilde zien voordat hij zou kunnen doorverwijzen, dat deze waarnemer deze patiŽnte niet wilde doorverwijzen, omdat hij het met de diagnose niet eens was, dat de psychologe de patiŽnte toen presenteerde aan een bevriende psychiater, die patiŽnte vervolgens terstond verwees naar de crisisdienst, die de patiŽnte tijdelijk in behandeling nam, en om het af te sluiten niet met de klinisch psychologe, de behandelaar overlegde maar met de bevriende psychiater, die de patiŽnte na ťťn gesprek had doorverwezen, en haar nauwelijks kende.
Meer

Reageer |  reacties

Millennials missen een ontwikkeld backoffice

De Facebookgeneratie ofwel de millennials (geboren tussen 1980 en 2000) overbevolken onze GGZ. In tien jaar tijds nam bij deze generatie het slikken van antidepressiva met 40% toe. 72.000 zitten er vanwege arbeidsongeschiktheid thuis; in grote meerderheid gaat het om psychische themaís. In de GGZ trakteren wij ze op een etikettenepidemie: dyslexie, ADHD, ADD, hoogbegaafdheid, PTSS, autisme, Asperger, NLD, dyscalculie, borderline.
Meer

Reageer |  reacties

Voorkůmen is beter dan genezen

Denkt u eens na over het volgende rijtje: een jurist, een kantoorbeambte cq boekhouder, een rechtsgeleerde, een leraar, een voormalig metaalarbeider en vakbondsbestuurder, een arts, een jurist, een scheikundige, een voormalig secretaresse, een politicoloog en jurist, een TV-producer, een arts, een econoom, een historicus annex internationale betrekkingen-expert, een socioloog en een politicoloog. Weet u al waar ik op doel? Dat is de achtergrond van de ministers die de afgelopen 40 jaren Volksgezondheid in hun portefeuille hebben gehad.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten