Zorg móét je juist politiseren

21 februari 2017

Nog een paar weken tot aan de verkiezingen, en ineens zie je ze overal opduiken: politici.

Politici die gehaast geld beloven en het alleenrecht op goede bedoelingen opeisen in de veronderstelling dat wij daar met z’n allen met open ogen intuinen. Ik dacht het niet. Dat alle politici van links tot rechts zich nu luidruchtig druk maken over de verpleeghuiszorg, zegt vooral wat over het opportunisme en de hypocrisie van de meesten. Prachtig hoor, dat ze er als de kippen bij zijn om zich als één man op te stellen achter het manifest ‘Scherp op ouderenzorg’ van Hugo Borst en Carin Gaemers. Maar de verpleeghuiszorg ‘depolitiseren’? Wat een onzin.

De verkeerde kant van de streep
Zorg kán eenvoudigweg niet apolitiek zijn. Verpleeghuiszorg niet, en de rest van de zorg ook niet. Zorg gaat over ongezondheid en ziekte, beter: over ongezonde en zieke mensen. Wie het over zorg heeft, moet zich daarom eerst een andere vraag stellen: waarom zijn mensen ziek geworden? Los van domme pech en stom toeval? Omdat ze domme dingen doen, zegt de één. En daar moeten ze dan maar voor boeten ook. Omdat ze aan de verkeerde kant van de streep staan, zegt de ander. Die ander ben ik. 

Ik wil niet zeggen dat mensen geen eigen verantwoordelijkheid hebben voor wat ze overkomt, en ook niet dat keuzevrijheid niet bestaat. Maar ik wil wel zeggen dat die zogenaamde individuele autonomie ongelofelijk wordt overdreven – vooral door mensen die zelf niet door hebben dat hun goede gedrag vooral te danken is aan het feit dat ze in een omgeving met louter plussen zijn geboren. Ga maar na.

Voorsprong
Je gaat fietsen en lezen en vioolspelen en op hockey omdat je ouders ook fietsen en lezen en vioolspelen en hockeyen. En daar het geld voor hebben. Al die dingen dragen bij aan je fysieke en mentale gezondheid – zeg niet dat gezondheid niet te koop is, want dat is het heel vaak wel. Meteen heb je al een voorsprong, en je bent nog maar 6 jaar. Dan heb je nog een heel leven te goed waarin je deze prachtige start kunt verzilveren; en veel kinderen doen dat gelukkig ook. Is dat hun verdienste? Een klein beetje. Ze hebben vooral heel veel geluk gehad.

Inkomensverschillen zijn ziekmakend
Wat kunnen deze bofkonten doen? Eraan bijdragen dat meer mensen net zo gezond worden als zij. En dan hebben we het niet over het bedenken van ingewikkelde constructies waarin met potjes geld wordt geschoven, toeslagen en kortingen en extra’s worden vermenigvuldigd en uitgedeeld, maar over sociaaleconomisch beleid dat inkomensverschillen verkleint. Want het omgekeerde doen, is desastreus. Een politicus die de verschillen tussen arm en rijk juist zo wil houden of zelfs vergroten, maakt gezonde burgers gezonder, en ongezonde ongezonder. Overdreven? Nee.

Glijbaan van ongezondheid
Bekijk deze al bijna 2,5 miljoen keer aangeklikte TED-talk van de Britse epidemioloog Richard Wilkinson. Hij laat op basis van jarenlang onderzoek zien dat inkomensverschillen binnen relatief welvarende maatschappijen allerlei maatschappelijke ellende veroorzaken, inclusief fysieke en psychische ongezondheid. Dat een huisarts in een achterstandswijk meer problemen voorbij ziet komen dan haar collega in een villadorp, is daarom logisch. Ze ziet stress, stress en nog en stress: over schulden, baanonzekerheid, woononzekerheid, zieke ouders, een moeilijk kind. Huisarts Jacqueline van Riet noemt het ‘de glijbaan van ongezondheid’. En u weet: vanaf een glijbaan roetsj je altijd naar beneden.

Gezondheid = sociaaleconomisch beleid
Wilkinsons bevindingen laten ook zien dat de ‘participatiemaatschappij’ die menige politicus hoog in het vaandel draagt, alleen maar mogelijk is als de inkomensverschillen tussen mensen beperkt zijn. Want het onderlinge vertrouwen en de betrokkenheid bij de gemeenschap is het grootst in samenlevingen met de minste economische ongelijkheid, toont hij aan.
De zorg is niet alleen niet apolitiek, die móét je juist politiseren. 

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Solidariteit, we doen net alsof.

Onlangs wandelde ik met een vriend een paar dagen door Berlijn (een heerlijke stad, maar daar wil ik het nu niet over hebben). Er wordt hard gewerkt om de stad steeds mooier te krijgen. Overal waar we waren, werd er aan de huizen gewerkt, en vaak was de stoep overkapt om de voetgangers te beschermen tegen vallend puin. Ik ben bijgelovig (ik schoor me ook noo... Meer

Onderling verbonden pilaren

Ik ben oud genoeg om me te herinneren hoe ik midden jaren '80 een foldertje van de verboden vakbond Solidarno?? in handen kreeg. Dat was in een propvolle stadsbus in Wroc?aw in West-Polen. Een paar jaar later was ik er weer. Toen ging ik met mijn gastvrouw mee naar de stembus. Voor het eerst in haar toch al zestigjarige leven zou haar stem er toe doen. Op da... Meer

Reageer |  reacties

Over betrokkenheid en solidariteit

Plaats van handeling: het terras van een Nijmeegs café dat vaker in de prijzen viel vanwege de uitgebreide collectie bieren op fust en fles. Het is een van die zwoele avonden in de meimaand die ons na afloop van het werk uitgeput, uitgedroogd en super dorstig (dus enigszins zwak en weinig standvastig) niet direct naar huis maar even naar de kroeg dirigeert. ... Meer

Reageer |  reacties