Domme dokter valt hard

25 september 2013

Op de eerste wintertijddag van 1987 viel ik in de buurt van Durbuy (Belgische Ardennen) uit de waaier van onze fietsclub keihard op mijn hoofd. Goede helmen droegen we in die tijd nog niet, van veilig rijden hadden we nog nooit gehoord, ofschoon sommige jongens wel met een paardenharenhelmpje op reden, dat zij echter zo gauw als het maar kon afdeden en in de achterzak van hun fietsshirt stopten.

Ik raakte bewusteloos, en kreeg een paar insulten. De mannen om mij heen, vrijwel allemaal psychiater, schrokken toen mijn zwarte racebroek opbolde van de urine die ik liet lopen. Ze stonden er in paniek bij en konden niets doen. Mijn jongste broer huilde en dacht dat ik doodging.

Ik werd opgenomen in het erbarmelijke streekziekenhuis van Marche-en-Famenne. Een paar uur later werd ik wakker op de rŲntgenkamer, toen er foto’s werden gemaakt van mijn gebroken sleutelbeen. Ik was behoorlijk duf en had trek in een biertje. Waarschijnlijk had ik van die biertjes de avond tevoren al iets te veel op - we hadden immers een uur extra de tijd - en dat had mijn stuurmanskunst vast geen goed gedaan, waardoor ik de voorrijder raakte en viel.

Ik hield aan die contusio cerebri en de insulten geen blijvende schade over. Dat denk ik tenminste, maar sommige mensen vinden dat ik nog ongeduldiger ben geworden dan ik al was (dat geloof ik zelf niet). Ik weet wel zeker dat mijn geheugen er niet op achteruit is gegaan en dat ik me sindsdien niet als een idioot ben gaan gedragen. Ik besef dat ik mazzel heb gehad, want ik weet maar al te goed dat zo’n valpartij van een racefiets of de motor kan leiden tot ernstige vormen van zogenaamd niet-aangeboren-hersenletsel (NAH) met alle gevolgen van dien.

Mensen die zo’n NAH hebben opgelopen, zoals Rutger Kopland (hij belandde na een auto-ongeluk in 2005 in de psychiatrische afdeling waar hij zelf jaren leiding aan gaf; zijn geheugenstoornissen gingen niet meer over) ben ik overal tegengekomen, op de SEH van de algemene ziekenhuizen, in gesloten afdelingen van psychiatrische ziekenhuizen, in categorale epilepsieziekenhuizen, en in instellingen waar zorg wordt geboden aan mensen met een verstandelijke handicap. NAH na een fietsongeluk komt veel voor, er wordt immers heel wat van die fietsen afgevallen.

Iedereen kan weten dat het gevaarlijk is zonder helm op te rijden ( in de grote rondes is het verplicht een helm te dragen). Toch zijn er nog steeds renners die willens en wetens zonder helm op de weg op gaan, dus onveilig rijden en risico’s nemen. Waarom is dat? Omdat die helm ongemakkelijk zit? Omdat je er jeuk van krijgt? Omdat je de frisse wind rond je hoofd mist? Omdat je denkt dat jij onkwetsbaar bent?

Er zijn tal van redenen te bedenken waarom je die helm juist niet zou op zou hoeven doen, maar onveilig blijft het wel. Veiligheid is mensenwerk, (on)veiligheid ontstaat door keuzes die mensen maken, en die keuzes zijn vaak irrationeel, hoe goed we ook weten hoe het eigenlijk moet, en hoe goed het protocol dat wij zouden moeten hanteren ook is. Nog meer richtlijnen, nog meer kritische prestatiefactoren gaan het probleem van onveiligheid niet oplossen.

De oplossing zit in mensenwerk. Je zou niet meer moeten willen fietsen met een vriend die zijn helm niet op heeft. Je zou niet meer moeten willen opereren met iemand die de veiligheidseisen aan zijn laars lapt. Mensen, dokters moeten elkaar durven aanspreken op dit soort gedrag. Een dergelijke uitgestelde fietstocht of operatie zet meer zoden aan de dijk dan al die regels.  

Wouter van Ewijk. 

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Staat de patiŽnt wel centraal?

Enige tijd geleden sprak ik een vrijgevestigd klinisch psychologe over haar ervaringen binnen de geestelijke gezondheidszorg. Zij vertelde over een depressieve patiŽnte die zij wilde verwijzen naar de crisisdienst van de regionale GGZ-instelling. Zij vertelde dat zij deze patiŽnte niet kon/mocht doorverwijzen, dat de huisarts dat moest doen, maar dat die op vakantie was en zijn waarnemer de patiŽnte eerst wilde zien voordat hij zou kunnen doorverwijzen, dat deze waarnemer deze patiŽnte niet wilde doorverwijzen, omdat hij het met de diagnose niet eens was, dat de psychologe de patiŽnte toen presenteerde aan een bevriende psychiater, die patiŽnte vervolgens terstond verwees naar de crisisdienst, die de patiŽnte tijdelijk in behandeling nam, en om het af te sluiten niet met de klinisch psychologe, de behandelaar overlegde maar met de bevriende psychiater, die de patiŽnte na ťťn gesprek had doorverwezen, en haar nauwelijks kende.
Meer

Reageer |  reacties

Millennials missen een ontwikkeld backoffice

De Facebookgeneratie ofwel de millennials (geboren tussen 1980 en 2000) overbevolken onze GGZ. In tien jaar tijds nam bij deze generatie het slikken van antidepressiva met 40% toe. 72.000 zitten er vanwege arbeidsongeschiktheid thuis; in grote meerderheid gaat het om psychische themaís. In de GGZ trakteren wij ze op een etikettenepidemie: dyslexie, ADHD, ADD, hoogbegaafdheid, PTSS, autisme, Asperger, NLD, dyscalculie, borderline.
Meer

Reageer |  reacties

Voorkůmen is beter dan genezen

Denkt u eens na over het volgende rijtje: een jurist, een kantoorbeambte cq boekhouder, een rechtsgeleerde, een leraar, een voormalig metaalarbeider en vakbondsbestuurder, een arts, een jurist, een scheikundige, een voormalig secretaresse, een politicoloog en jurist, een TV-producer, een arts, een econoom, een historicus annex internationale betrekkingen-expert, een socioloog en een politicoloog. Weet u al waar ik op doel? Dat is de achtergrond van de ministers die de afgelopen 40 jaren Volksgezondheid in hun portefeuille hebben gehad.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten