De spoedeisende psychiatrie moet sneller

14 september 2015

Er zijn minimaal 3 redenen waarom 2015 wel eens het jaar van de verwarde mensen zou kunnen worden. Ten eerste beklaagt de politie zich bij herhaling in de media over de toename van ‘verwarden’. Ten tweede is in dit jaar in opdracht van de minister van VWS het SiRM rapport ‘Knelpunten in de Acute GGZ’ opgesteld. Belangrijke knelpunten uit dat rapport zijn: de onduidelijke definitie van crisis, het vervoer door politie, de responstijd van de GGZ en handelingsverlegenheid van ketenpartners. Ten derde constateerde de commissie Hoekstra over de gebeurtenissen rond Bart van U., dat politie, het Openbaar Ministerie en GGZ niet goed samenwerken. De politie en OM gaan er bij de aanhouding van een verward persoon vaak van uit dat de strafbare feiten niet kunnen/zullen worden toegerekend, zonder kennis van de GGZ en nog voordat de ernst van de feiten goed zijn gewogen. Mensen die zich willens en wetens hebben misdragen worden dan niet vervolgd. Anderzijds worden patiŽnten die zorg nodig hebben soms onterecht gevangen gezet. Al deze signalen maken het nodig de rol van de spoedeisende GGZ kritisch te bekijken, en misschien ook te herzien.

Men doet soms net alsof de spoedeisende psychiatrie niet bestaat, of geen toegevoegde waarde heeft. Velen menen dat het voor de prognose van de aandoening zelf niet uitmaakt of een psychose of een depressie enkele uren eerder of later wordt behandeld. Dat maakt het verschil met de somatische geneeskunde waar snel ingrijpen, zoals bij een hartinfarct levensreddend is. Maar te laat ingrijpen bij suÔcidaliteit of een acute psychose kan wel degelijk ernstige gevolgen hebben. Het kan leiden tot paniek en stress, worstelingen met familie, omstanders of politie, maar ook tot letsel, vervolging of zelfs (zelf)doding. Tijd is in de spoedeisende psychiatrie dus een factor. Hoe sneller de zorg, des te minder schade voor patiŽnt en omgeving. We kunnen veel leren van andere nooddiensten en spoedeisende zorg, en aansluiten bij hun methodieken. 

De overheid geeft de spoedeisende GGZ eindelijk prioriteit. Dan past het de GGZ niet de boot af te houden. De GGZ moet de handschoen oppakken en veel beter gaan samenwerken met de politie en het OM. 

Wat is daar voor nodig:

  • Snelheid: GGZ heeft een betere beschikbaarheid en is snel ter plekke, of laat patiŽnt zonder drempels op te werpen brengen.
  • Doelmatigheid: de GGZ hanteert een triage-standaard: wat is echt spoed en moet meteen en wat kan wachten? 
  • Aansluiting: GGZ sluit aan bij bestaande structuren van spoedeisende zorg: meldkamer ambulancezorg, SEH, HAP, ROAZ, etc.
  • Samenwerking: GGZ, politie en OM werken beter samen bij beoordeling van gevaarlijk gedrag en de vervolging en preventie van delictplegers. 
  • Veiligheid: De GGZ beschikt over een beoordelingsruimte met eigen beveiliging, de-escalerende technieken, high intensive care, etc.
  • Dekkende financiering.
Pas als dat wordt gerealiseerd neemt de kans af dat iemand als Bart van U. door de mazen van het net kan verdwijnen.


Jeroen Zoeteman spreekt 18 september a.s. op het symposium Spoedeisende Psychiatrie. Hij geeft daar een lezing over; Politie, justitie en acute GGZ; tot elkaar veroordeeld? Wilt u meer informatie over dit symposium of wilt u zich nog graag inschrijven, kijk dan hier.  

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Staat de patiŽnt wel centraal?

Enige tijd geleden sprak ik een vrijgevestigd klinisch psychologe over haar ervaringen binnen de geestelijke gezondheidszorg. Zij vertelde over een depressieve patiŽnte die zij wilde verwijzen naar de crisisdienst van de regionale GGZ-instelling. Zij vertelde dat zij deze patiŽnte niet kon/mocht doorverwijzen, dat de huisarts dat moest doen, maar dat die op vakantie was en zijn waarnemer de patiŽnte eerst wilde zien voordat hij zou kunnen doorverwijzen, dat deze waarnemer deze patiŽnte niet wilde doorverwijzen, omdat hij het met de diagnose niet eens was, dat de psychologe de patiŽnte toen presenteerde aan een bevriende psychiater, die patiŽnte vervolgens terstond verwees naar de crisisdienst, die de patiŽnte tijdelijk in behandeling nam, en om het af te sluiten niet met de klinisch psychologe, de behandelaar overlegde maar met de bevriende psychiater, die de patiŽnte na ťťn gesprek had doorverwezen, en haar nauwelijks kende.
Meer

Reageer |  reacties

Millennials missen een ontwikkeld backoffice

De Facebookgeneratie ofwel de millennials (geboren tussen 1980 en 2000) overbevolken onze GGZ. In tien jaar tijds nam bij deze generatie het slikken van antidepressiva met 40% toe. 72.000 zitten er vanwege arbeidsongeschiktheid thuis; in grote meerderheid gaat het om psychische themaís. In de GGZ trakteren wij ze op een etikettenepidemie: dyslexie, ADHD, ADD, hoogbegaafdheid, PTSS, autisme, Asperger, NLD, dyscalculie, borderline.
Meer

Reageer |  reacties

Voorkůmen is beter dan genezen

Denkt u eens na over het volgende rijtje: een jurist, een kantoorbeambte cq boekhouder, een rechtsgeleerde, een leraar, een voormalig metaalarbeider en vakbondsbestuurder, een arts, een jurist, een scheikundige, een voormalig secretaresse, een politicoloog en jurist, een TV-producer, een arts, een econoom, een historicus annex internationale betrekkingen-expert, een socioloog en een politicoloog. Weet u al waar ik op doel? Dat is de achtergrond van de ministers die de afgelopen 40 jaren Volksgezondheid in hun portefeuille hebben gehad.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten