Het is ontegenzeggelijk de schuld van de manager; of niet soms?

13 juli 2017

In haar column in Medisch Contact van juni 2017 probeert Esther van Fenema aan een peuter uit te leggen wat een manager doet: ‘Een manager is een meneer of een mevrouw die dingen regelt en heel veel moet vergaderen met andere mensen om die dingen te kunnen regelen’ waarop de kleuter stampvoetend roept: ‘Ja maar wat kan hij dan?’. Ik vroeg me af hoe zij aan diezelfde peuter zou uitleggen wat een psychiater doet? Ik neem aan dat zij het zo zou weten uit te leggen dat die peuter ervan overtuigd is, dat een psychiater heel wat kan ook al zegt men - dat zijn vooral chirurgen - dat een psychiater niets weet en niets kan.

In het vervolg van haar column geeft Van Fenema zich over aan het stereotiepe beeld van een zichzelf verrijkende persoon, die uit is op status en dat bereikt door de hulpverlener voortdurend dwars te zitten met allerlei in haar ogen irrationele en nutteloze zaken. Een van die verachtelijk dingen is dat zij declarabele minuten moet schrijven, hetgeen haar doet verzuchten dat zij er niet is om de financiŽle toekomst van de instelling (en de hypotheek van haar manager) waar/voor wie zij werkt veilig te stellen, zij is immers een goed hulpverlener, en die letten kennelijk - wanneer zij ergens in dienst - zijn nu eenmaal niet op de kosten, maar verwachten uiteraard aan het einde van de maand wel hun salaris (graag zonder korting ook al zijn bij lange na de declarabele minuten niet gemaakt).

In zijn column in de Volkskrant ‘Baas op eigen bord’ van 26 juni buigt Teun van der Keuken zich ook over het management. Op de meeste plekken waar hij werkte waren de bazen niet de slimsten en de besten van de instelling. Die slimsten en de besten hadden namelijk ‘wel iets anders aan hun hoofd dan leidinggeven’, zij wilden gewoon mooie en leuke dingen maken. Wie daar niet zo goed in was, maar het toch naar zijn zin had in het bedrijf en ook niet vies was van enig aanzien, probeerde uit arren moede maar baas te worden.

En zo zijn er de laatste tijd steeds meer van dit soort berichten. Het is bazenbashingtime. Zijn die bazen inderdaad zo slecht en nutteloos? Het antwoord is natuurlijk: nee. Niet ieder baas is nutteloos. Sommigen wel. Iedereen weet dat er coaches zijn die in staat zijn van een groep vedettes een geweldig elftal te maken; en dus ook dat er coaches zijn die dat niet kunnen. Zo zijn er ook goede en slechte bestuurders en managers. De beste coach/bestuurder is de bestuurder/coach die haast onzichtbaar zijn werk doet door de creativiteit en spelvreugde van zijn spelers/medewerkers te voeden. Maar helaas het gaat niet alleen om spelvreugde en creativiteit: er moet ook gescoord worden, er moeten declarabele minuten gemaakt worden.

Het zorgstelsel is dat laatste jaren zo chaotisch en complex dat het werkers in de zorg - en hun bestuurders ook - steeds meer moeite kost aan de bureaucratische verplichtingen te voldoen (en zij moeten eraan voldoen anders komt er geen geld binnen). Het is daarom noodzakelijk dat het management en de behandelaren samenwerken, dat houdt in dat de manager ervoor zorgt dat behandelaren hun werk kunnen doen; en - let op - andersom. Zij hebben elkaar nodig. De zorg staat al jaren onder grote druk. Er staan spannende tijden voor de deur. Het stelsel wijzigt voortdurend, binnenkort wordt bijvoorbeeld de jeugdzorg Europees aanbesteed, de continuÔteit van de zorg en de instellingen is in het geding en zal er nog harder gewerkt moeten worden om het geld binnen te halen, en kwaliteit te kunnen blijven leveren.

Het heeft kort en goed geen zin elkaar verbaal naar het leven te staan met stereotiepe beelden, maar het is beter de handen ineen te slaan. We moeten vooral zien te voorkomen dat de gelederen in de zorg verdeeld raken, dat er een wij/zij-cultuur ontstaat binnen de instellingen waar iedereen - ook de patiŽnt - uiteindelijk alleen maar de dupe van kan worden. Esther van Fenema weet als geen ander - zij is ook violiste - dat er geen mooie muziek komt uit een orkest dat twee partijen tegelijkertijd speelt, en tegen elkaar inspeelt. Dus kan zij beter met haar dirigent samen werken dan hem onnodig blameren en bekritiseren. 

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Geef mij tijd

Het is september en de vrijwilligers van het Koningin Wilhelmina Fonds voor de kankerbestrijding (KWF) komen langs met de collectebus. Het kan niemand ontgaan zijn. Radio- en televisiespotjes dringen zich aan je op. En waar je maar kijkt maken spandoeken en affiches ons erop attent. GEEF MIJ TIJD. Daarbij wordt meestal ook een portret getoond van iemand met kanker. Ik had zelf ook op zoín foto gekund, maar ik heb nu al vijftien jaar die op hol geslagen cellen en vind eigenlijk dat me sinds de diagnose al verrassend veel tijd is gegund. Daar klaag ik dus niet over. Langzaam aan beweeg ik me naar het moment dat de kanker me de baas is, maar zo ver is het nog niet. Wel heeft de behandeling van de kanker mijn leven danig ontwricht. Niet alleen dat van mij. Mijn vrouw moest op haar vijftigste ook wennen aan een heel andere man in huis. Elke keer dat ik langs een KWF affiche kom denk ik: GEEF MIJ KWALITEITTIJD.
Meer

Reageer |  reacties

Een zondebok aanwijzen helpt niet

In het boek ĎVeiligheid in de ggz. Leren van incidenten en calamiteitení dat psychiater Alette Kleinsman en calamiteitenonderzoeker Nico Kaptein onlangs publiceerden, komen drie lessen steeds weer terug. Een: het helpt niet om Ė in het geval van een ernstig incident of calamiteit Ė een zondebok te zoeken, want fouten worden gemaakt als sluitstuk van een proces waaraan allerlei professionals een bijdrage leveren. Twee: zorg voor een open cultuur waarin iedereen zich vrij voelt om elkaar aan te spreken. En drie: zorg ervoor dat iedereen zich verantwoordelijk voelt voor veiligheid.
Meer

Reageer |  reacties

Duizend bloemen, een paar teveel

Hoogleraar Jim van Os sprak recent in NRC Handelsblad zijn zorg uit over de achteruitgang van de psychiatrie in Nederland. Het toenemend aantal gevallen van euthanasie bij mensen met ernstige psychische aandoeningen is daar volgens hem een symptoom van. De verwaarlozing kost mensenlevens. Hij bepleit een focus op persoonlijk herstel. Marian Draaisma van zorginstelling Pluryn klaagde in dezelfde week in het AD over een verschuiving van werkzaamheden van de jeugdpsychiatrie naar de jeugdzorg. Dit verklaart volgens haar waarom het aantal suÔcides bij de betrokken jongeren nog nooit zo hoog is geweest. Ook hier gaat het om vragen over leven en dood. De oplossing ligt hier in de handen van gemeenten. En GGZ-instelling Emergis in Zeeland dreigde eind augustus met een behandelstop voor de rest van dit jaar. De zorgverzekeraar heeft te weinig zorg ingekocht.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten