Gelukkige gezondheidszorg, eigenlijk heel gemakkelijk!

29 oktober 2010

De laatste jaren wordt er heel wat afgeschreven over geluk. En dat is terecht. Als je Nederlanders vraagt wat ze willen in het leven, staat geluk bovenaan hun verlanglijst. Nederland is een van de gelukkigste landen ter wereld. Ruut Veenhoven is ‘geluksprofessor’ aan de Erasmusuniversiteit. Geluk wordt volgens hem voor een belangrijk deel bepaald door ‘zinvol bezig zijn’. Met andere woorden, betekenisvol werk is voor de meeste mensen heel belangrijk. Daarnaast blijken we erg ontevreden te worden als we iets opgelegd krijgen. We willen invloed hebben op hoe ons leven eruit ziet.

In de gezondheidszorg werken veel hoogopgeleide professionals. Voor hen is invloed kunnen uitoefenen op hun werk van groot belang. Het zijn mensen die het beste functioneren in een omgeving waar hen die invloed wordt toevertrouwd. Zij hebben de expertise hoe patiŽnten het beste behandeld kunnen worden. Het gaat om de waardering van vakmanschap en over het belang van professionele autonomie om kwalitatief goede zorg te verlenen.

Een bevriende arts vertelde me laatst met een twinkeling in zijn ogen dat hij een andere baan heeft. De vorige keer dat ik hem ontmoette, mopperde hij omdat in de tien jaar dat hij in de organisatie werkte voor de vierde keer alles op de schop ging. In zijn nieuwe baan heeft hij een paar keer met patiŽnten, naastbetrokkenen, professionals en bestuurders om tafel gezeten om na te denken over hoe de kwaliteit van zorg beter kan. Hij wordt betrokken bij het plan om de organisatie verder te ontwikkelen. Hij is zinvol bezig, hij heeft invloed, hij maakt zijn eigen organisatie!

In de gezondheidszorg kantelen we de organisatie als de fusie is beklonken. De organisatieonderdelen worden door bestuur en directie ‘herontworpen’. Het team dat goed op elkaar is ingespeeld, wordt ontbonden. Professionals worden door managers veel te laat in dit proces betrokken om ‘draagvlak te creŽren’ en aan te horen hoe zij volgens de top van de organisatie ‘excellente zorg’ moeten gaan verlenen. Ze gaan mopperend en ongelukkig ondergronds: ‘Even bukken, het waait wel weer over’. Maar, ongelukkige professionals maken ongelukkige patiŽnten!

Dus maar niet veranderen? Nee, want juist de professionals streven er voortdurend naar de zorg te verbeteren, dus te veranderen. Maar, laten we lering trekken uit het geluksonderzoek. Laten we professionals vragen wat en hoe we moeten verbeteren. Geen grootscheepse en ingrijpende reorganisatieprocessen maar stap voor stap en op basis van eerdere ervaringen. Dat lijkt misschien voor haastige managers een grote tijdsinvestering. Voor de iets langere termijn levert het veel tijd en geld op die anders aan ‘weerstand’ van professionals besteed had moeten worden. Faciliteren van het stap voor stap ontwikkelen van de organisatie vraagt van managers een vragende en onderzoekende houding.
Misschien even wennen en soms lastig, maar vooral een leuke klus.

Gelukkige gezondheidszorg, eigenlijk heel gemakkelijk!

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Geef mij tijd

Het is september en de vrijwilligers van het Koningin Wilhelmina Fonds voor de kankerbestrijding (KWF) komen langs met de collectebus. Het kan niemand ontgaan zijn. Radio- en televisiespotjes dringen zich aan je op. En waar je maar kijkt maken spandoeken en affiches ons erop attent. GEEF MIJ TIJD. Daarbij wordt meestal ook een portret getoond van iemand met kanker. Ik had zelf ook op zoín foto gekund, maar ik heb nu al vijftien jaar die op hol geslagen cellen en vind eigenlijk dat me sinds de diagnose al verrassend veel tijd is gegund. Daar klaag ik dus niet over. Langzaam aan beweeg ik me naar het moment dat de kanker me de baas is, maar zo ver is het nog niet. Wel heeft de behandeling van de kanker mijn leven danig ontwricht. Niet alleen dat van mij. Mijn vrouw moest op haar vijftigste ook wennen aan een heel andere man in huis. Elke keer dat ik langs een KWF affiche kom denk ik: GEEF MIJ KWALITEITTIJD.
Meer

Reageer |  reacties

Een zondebok aanwijzen helpt niet

In het boek ĎVeiligheid in de ggz. Leren van incidenten en calamiteitení dat psychiater Alette Kleinsman en calamiteitenonderzoeker Nico Kaptein onlangs publiceerden, komen drie lessen steeds weer terug. Een: het helpt niet om Ė in het geval van een ernstig incident of calamiteit Ė een zondebok te zoeken, want fouten worden gemaakt als sluitstuk van een proces waaraan allerlei professionals een bijdrage leveren. Twee: zorg voor een open cultuur waarin iedereen zich vrij voelt om elkaar aan te spreken. En drie: zorg ervoor dat iedereen zich verantwoordelijk voelt voor veiligheid.
Meer

Reageer |  reacties

Duizend bloemen, een paar teveel

Hoogleraar Jim van Os sprak recent in NRC Handelsblad zijn zorg uit over de achteruitgang van de psychiatrie in Nederland. Het toenemend aantal gevallen van euthanasie bij mensen met ernstige psychische aandoeningen is daar volgens hem een symptoom van. De verwaarlozing kost mensenlevens. Hij bepleit een focus op persoonlijk herstel. Marian Draaisma van zorginstelling Pluryn klaagde in dezelfde week in het AD over een verschuiving van werkzaamheden van de jeugdpsychiatrie naar de jeugdzorg. Dit verklaart volgens haar waarom het aantal suÔcides bij de betrokken jongeren nog nooit zo hoog is geweest. Ook hier gaat het om vragen over leven en dood. De oplossing ligt hier in de handen van gemeenten. En GGZ-instelling Emergis in Zeeland dreigde eind augustus met een behandelstop voor de rest van dit jaar. De zorgverzekeraar heeft te weinig zorg ingekocht.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten