"JA!"

6 september 2012

Mijn vriend en ik vroegen ons een paar maanden geleden af waarheen we op vakantie zouden gaan. We werden het maar niet eens. De hele wereld kwam voorbij. Totdat ik me voornam hem te laten uitpraten en te vragen wat hij precies wilde. Binnen een kwartier waren we eruit. 'Ja, goed idee!'

Een belangrijk onderdeel van een training assertiviteit is leren nee zeggen. Hoe doe je dat zonder je schuldig te voelen en zonder dat de ander zich afgewezen voelt? In mijn carriŤre als psychiater houdt me juist ja zeggen steeds meer bezig. Want hoe vaak ben je geneigd voluit ja te zeggen en dus geen ja, maar....?

Ik merk dat ja zeggen tegen collega's een heel positief effect heeft. Een collega belt me omdat hij een cliŽnt in de kliniek wil opnemen. 'Natuurlijk, prima, als jij dat voor je cliŽnt een goed idee vind, ga ik daar natuurlijk in mee.' 'Wat is er voor nodig om de opname succesvol te laten zijn? 'Waar zou ik rekening mee moeten houden?' 'Tips?' En, niet onbelangrijk, ik word er heel vrolijk en energiek van als ik ja kan zeggen.

Ja zeggen doe je niet zomaar. En terecht. Ja zeggen betekent dat je eerst uitgebreid en zorgvuldig onderzoekt waartegen je ja gaat zeggen. Het houdt in dat je de tijd neemt voor de ander, voor je collega, om heel goed te luisteren naar haar of zijn vraag. Wat zou ik voor je kunnen betekenen? Welke stap zou je willen zetten? Wat heb je van mij nodig? Het klinkt misschien raar, maar luisteren is een kunst. We leren ons leven lang om onze mening te verwoorden, om te debatteren, om een presentatie te houden. We leren niet om onbevooroordeeld te luisteren, om ons mond te houden en na te denken hoe we die ander zoveel mogelijk kunnen faciliteren te zeggen wat hij of zij zou willen.

Geldt dat ook voor hulpverleners, voor psychiaters en psychologen? Professionals die opgeleid zijn een goed gesprek te voeren. Ik denk het wel. Hoe vaak veronderstellen we al bij voorbaat dat onze collega het niet bij het rechte eind heeft? Of zeggen we iets in de trant van 'typisch collega de Wit. Hij belt me altijd tegen vijf uur met een moeilijke vraag. Hij lost zijn problemen zelf maar op.'

Het mooie van de 'ja interventie' is dat je er heel gemakkelijk mee kan oefenen. Gewoon ja zeggen en kijken wat er gebeurt. En als je helemaal vastloopt kun je altijd nog zeggen, 'maar.....' Dat zal niemand opvallen, want dat deed je daarvoor ook.

Joost Jan Stolker

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Een zondebok aanwijzen helpt niet

In het boek ĎVeiligheid in de ggz. Leren van incidenten en calamiteitení dat psychiater Alette Kleinsman en calamiteitenonderzoeker Nico Kaptein onlangs publiceerden, komen drie lessen steeds weer terug. Een: het helpt niet om Ė in het geval van een ernstig incident of calamiteit Ė een zondebok te zoeken, want fouten worden gemaakt als sluitstuk van een proces waaraan allerlei professionals een bijdrage leveren. Twee: zorg voor een open cultuur waarin iedereen zich vrij voelt om elkaar aan te spreken. En drie: zorg ervoor dat iedereen zich verantwoordelijk voelt voor veiligheid.
Meer

Reageer |  reacties

Duizend bloemen, een paar teveel

Hoogleraar Jim van Os sprak recent in NRC Handelsblad zijn zorg uit over de achteruitgang van de psychiatrie in Nederland. Het toenemend aantal gevallen van euthanasie bij mensen met ernstige psychische aandoeningen is daar volgens hem een symptoom van. De verwaarlozing kost mensenlevens. Hij bepleit een focus op persoonlijk herstel. Marian Draaisma van zorginstelling Pluryn klaagde in dezelfde week in het AD over een verschuiving van werkzaamheden van de jeugdpsychiatrie naar de jeugdzorg. Dit verklaart volgens haar waarom het aantal suÔcides bij de betrokken jongeren nog nooit zo hoog is geweest. Ook hier gaat het om vragen over leven en dood. De oplossing ligt hier in de handen van gemeenten. En GGZ-instelling Emergis in Zeeland dreigde eind augustus met een behandelstop voor de rest van dit jaar. De zorgverzekeraar heeft te weinig zorg ingekocht.
Meer

Reageer |  reacties

FACT-werk en specialistische zorg in ťťn team

ĎBinnen GGZ Noord-Holland-Noord hebben we drie programmaís geschreven die de komende drie jaar hun beslag moeten krijgení, vertelt Marijke van Putten, lid van de raad van bestuur. ĎVoorheen werkten we via twee sporen: de FACT-teams en diagnostisch gerichte specialistische teams. Deze voegen we samen tot geÔntegreerde teams die wijk- en herstelgericht zijn. Teams met ervaringsdeskundigen en IPS-medewerkers die mensen begeleiden naar werk, maar ook met specialistische behandelkennis.í
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten