Professionals aller landen, verenigt u!

8 december 2011

Reactie op "De autonome professional is een specialist in samenwerken" door Wouter van Ewijk.

Kenmerkend voor de professional is dat hij of zij in staat is om zelfstandig professionele beslissingen te nemen. Wanneer hij of zij dit vermogen verliest wordt hij uitvoerder van aanwijzingen van anderen; hij wordt daarmee gedeprofessionaliseerd. Het gebruikelijke begrippenpaar professionele autonomie is in die zin een tautologie.

Goed kunnen samenwerken is altijd een mooie en onder specifieke omstandigheden een noodzakelijke eigenschap maar heeft met professionaliteit in strikte zin niet veel te maken. Ook niet-professionals kunnen, al dan niet, goed samenwerken. Je kunt een voortreffelijke internist, chirurg of psychiater zijn terwijl teambesprekingen en dergelijke je een gruwel zijn. Je kunt aan professionele autonomie vasthouden en tegelijkertijd goed kunnen samenwerken. Het belang van deze eigenschap is contextafhankelijk.

Van Ewijk's column raakt aan een groot probleem in de zorg, namelijk de toenemende teloorgang van zelfstandigheid in de beroepsuitoefening van de gezondheidsprofessionals.

Tot ongeveer dertig jaar geleden beperkten verzekeraars zich tot verzekeren, de ziekenhuiseconoom was hoofd van de administratie en zag op tegen zijn baas, de geneesheer-directeur, en de overheid keek (na 1945) toe. Aan zelfstandigheid van artsen werd niet getornd. Sindsdien hebben cohorten in- en externe niet-medische functionarissen hun intrede in het zorgberdrijf gedaan. Het management maakt binnen de instellingen de dienst uit, verzekeraars hebben 'de regie', de invloed van de staat is door gedetailleerde wet- en regelgeving alom aanwezig. De strijd om de zorg is door de alliantie van ziekenhuismanagement, overheid en verzekeraars (onder applaus van gesubsidieerde patiŽntenkoepels) gewonnen, ten koste van de zelfstandigheid en ook de (inkomens)positie van de gezondheidsprofessional.

Al polderend zijn de beroepsverenigingen van artsen in deze stroom meegesleurd; zij die zich binnen de besturen tegen deze ontwikkelingen hebben verzet kwamen terecht in minderheidsposities en vertrokken uiteindelijk. Ook de verenigingen hebben de protocolgeneeskunde, dodelijk voor creatieve uitoefening van het vak, omarmd, en daarmee professionele autonomie deels buiten de orde geplaatst. Het beroepsgeheim en de medische privacy van patiŽnten is ten gunste van controle en beheersing door staat en verzekeraars met de invoering van de DBC-systematiek opgerekt, zo niet opgeofferd. In deze context is het niet verbazingwekkend dat ook in ideologische zin op het laatste bastion van zelfstandigheid, de professionele autonomie, toenemend wordt ingebeukt.

Om Marx te parafraseren, de heersende ideologie is de ideologie van de heersende (management)klasse, te weten de overheid, verzekeraars en zorgbestuurders. Ook de stellingen van Van Ewijk hebben een ideologisch karakter. Na professionele autonomie te hebben ge-reframed tot de eigenschap goed te kunnen samenwerken (waar op zich niemand tegen kan zijn), opent hij de aanval: professionele autonomie in strikte zin is volgens hem "voorbij" en zelfs "een gevaar voor veiligheid van de patiŽnt". Dit moge onder omstandigheden gelden voor slecht samenwerken, maar heeft, nogmaals, met professionele autonomie op zich niets te maken.

Het is op den duur oersaai om na een lange opleiding een werkleven lang als gedeprofessionaliseerde protocolslaaf, onderhorig aan overheid, verzekeraars en ziekenhuisbestuur, de dagen te moeten slijten. De economische aspecten hiervan laat ik hier buiten beschouwing. Ik heb niks tegen vrouwelijke artsen, maar het geeft te denken dat zeventig procent van de medische studenten vrouw is. De twintig procent verschil met manlijke collega's kan niet aan emancipatieprocessen worden toegeschreven. Zou het kunnen dat jongens die wat willen een medische loopbaan tegenwoordig liever mijden?

Hoe dan ook, een nieuwe klassenstrijd is aan de orde. Wellicht is de komst van verschillende nieuwe verenigingen en bewegingen (vereniging vrijgevestigd medische specialisten VVMS, vereniging praktijkhoudende huisartsen VP Huisartsen, De Vrije Huisarts, DeVrijePsych) wat dit betreft een teken.

Professionals aller landen, verenigt u! Voor uw zelfstandigheid, voor een boeiend werkleven, en tegen staat en gezondheidsbureaucraat!

                                                                                                                                            

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

De zorg: geen roeping, maar universele heroÔne

In het boek ĎDokter worden', een essaybundel van Arko Oderwald en drie andere auteurs (2005), staat: ĎLaten we elkaar niets wijsmaken over naastenliefde, hulpverlening is een benigne vorm van machtsuitoefening. Daarom is het zo leuk. Universele heroÔne!' Kijk, daar kun je wat mee. Zo'n uitspraak getuigt van intelligentie, zelfspot, nuchterheid en eerlijkheid... Meer

Reageer |  reacties

Volg je hart - met verstand

Je hart volgen, doen wat je hart je ingeeft, met hart en ziel je werk doen. Uitdrukkingen die suggereren dat je, door je hart voorop te zetten, de dingen doet waar je de meeste voldoening van hebt en het meeste plezier uithaalt. En dat Ūs vaak ook zo. Maar er zit een addertje onder het gras, en niet zo'n kleintje ook. Want wie zijn hart volgt, vindt het vaak... Meer

Reageer |  reacties

CreŽer waarde, geen producten

Wie vroeger in de zorg ging werken motiveerde de keuze vaak als een roeping. Het geloof diende als een belangrijke inspiratiebron. Zo doen we het nu meestal niet meer. Intrinsieke motivatie en bevlogenheid staan nu centraal. Plezier in het werk wordt belangrijk gevonden, en dat telt in het bijzonder in de zorg. Missie is een modern woord voor roeping, en bei... Meer

Reageer |  reacties