Vernieuwing van de GGZ: de professionals gaan het zelf doen

10 maart 2016

Als gevolg van de marktwerking in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) waarin nieuwe cliŽntengroepen werden aangeboord, in samenhang met vermindering van het taboe dat voorheen rustte op hulpvragen voor psychische aandoeningen en geholpen door het gemak waarmee de laatste twee generaties hun psychische kwetsbaarheden al delen met hun ouders, verdrievoudigde de hulpvraag in de ggz. Deze toename van de vraag bestaat zonder dat psychische stoornissen aantoonbaar meer voorkomen. Overheid, beleidsmakers en zorgverzekeraars hebben met het oog op de kosten gereageerd met controle, transparantie en de daarbij behorende verstikkende bureaucratisering. 

Eind 2015 nog leek onze ggz op een bijna dood vogeltje; uitgeput, nat en gekortwiekt schuilend voor de regen en storm en niet meer in staat om te zingen. De studiedagen in deze sector die het afgelopen jaar werden gehouden, gingen vooral over de eigen organisatie, elke inhoudelijke creativiteit en vernieuwing leek uit deze noodlijdende instellingen te zijn verdwenen. De ggz kwam vooral in het nieuws met schandalen over declaratiegedrag en de enorme toename van pillenslikkende cliŽnten als gevolg van de medicalisering van de psychische zorg.

Goede ggz
Dit tijdperk lijkt nu ten einde. De professionals nemen het heft weer zelf in handen. Komende tijd zijn er drie landelijke symposia: een over ‘Professionele autonomie in de ggz’, een onder de titel ‘Hart voor de ggz’ en als klap op de vuurpijl een grootscheeps opgezette studiedag op 17 maart in de Jaarbeurs onder de titel ‘Goede GGZ’, ‘herstel van de menselijke maat’. Voor deze laatste tekent de Universiteit van Maastricht en Mondriaan zorggroep. Tegelijk met dit symposium is een vuistdik boek over hetzelfde thema gepubliceerd. De voorbereiding hiervoor heeft zich over meerdere jaren uitgestrekt en nu worden de resultaten van deze inspanningen breed gedeeld. 

Revolutie in de ggz
Alle drie de initiatieven wijzen in de dezelfde revolutionaire richting: er moet snel een einde komen aan hoe de ggz nu zowel inhoudelijk als wat betreft de organisatie is vormgegeven. De dagen van de managers in de grote instelling en de ondernemers die in het kader van de marktwerking de zorg zijn binnengeslopen, zijn geteld. Het beleid van de overheid en zorgverzekeraars heeft gefaald en kan worden opgeruimd. De professionals krijgen zelf weer de lead en schakelen drempelloze eCommunity’s, online platforms, webwinkels voor zorg, ervaringsdeskundigen, lotgenotencontacten in, met een sterke gerichtheid op zelfmanagement en eigen regie. Het klassieke een-op-een contact tussen professional en cliŽnt verdwijnt niet helemaal maar komt achteraan in de rij. De DSM, bijbel voor classificatie die inmiddels als cultuurproduct gemeengoed is geworden, kan voor al deze professionals die naar vernieuwing streven op de schroothoop. De meer dan 300 DSM-etiketten die allemaal vertrouwen op de hersenen als uiteindelijke oorzaak van al deze aandoeningen, hebben afgedaan. 

De neurowetenschappen hebben de psychiatrie en klinische psychologie niet verder kunnen helpen en het vertrouwen hierin is opgezegd door veel psychiaters en klinisch psychologen. Het aantal syndromen wordt beperkt zoals die met stemming (bv. depressie) te maken hebben, met angst, met psychose en met lichamelijke klachten. De hulpvraag van de cliŽnt komt na 40 jaar weer in het centrum van de aandacht en de interventies worden afgestemd op persoon-omgeving interacties in plaats van op geÔsoleerde symptomen. De talloze behandelprotocollen en richtlijnen gemaakt door onderzoekspsychologen op basis van de magere DSM etiketten en verkocht als ‘evidence based’ en ‘transparant’ aan managers van zorginstelling, hebben in deze vernieuwingsbeweging geen lang leven meer. De inspanningen van de professionals om tot vernieuwing te komen sluiten aan bij de herziene definitie van wat gezondheid is door de Gezondheidsraad uit 2009: het vermogen zich aan te passen en zelf de regie te voeren, gegeven psychische, lichamelijke en sociale uitdagingen. De professional is vanuit dit perspectief geen autoriteit meer die als technicus met een protocol een symptoom behandelt, maar iemand die de cliŽnt helpt de regie over zijn eigen klachten en sociale omgeving te herwinnen. Voorop bij deze hulp staan de laagdrempelige mogelijkheden van het internet en de ict-technologie gecombineerd met inschakeling van ervaringsdeskundigen en lotgenoten. 

De schrijvers van het boek ‘Goede GGZ’ steken hun nek uit en dat verdient navolging. Er ligt nog wel veel terrein braak: het lijkt me noodzakelijk nog meer fundamenteel te beginnen en vanuit de psychologie helder te analyseren wanneer we van een stoornis kunnen spreken. En dus ook wat normaliteit in dit opzicht is en waar verzekerde zorg begint. Het boek ademt nog vooral de ervaring van de Maastrichtse groep met de psychose en deze ernstige aandoening wordt als een paradigma gebruikt voor veel mildere neurotische stoornissen en dat kan beter. De generalistische basis GGZ krijgt nog te weinig aandacht en het model huisarts samen met POHGGZ in stand laten, zoals de auteurs voorstellen, lijkt me geen goed idee. Beter lijkt het me aan de poort ervoor te zorgen dat er een echte goed opgeleide klinisch psycholoog meekijkt en werkt zodat er verderop kan worden bespaard. Dit laat onverlet dat de ggz, met alle nieuwe initiatieven om de professional weer zelf aan het woord te krijgen, is gediend. Dat er veel gaat veranderen met al deze initiatieven lijkt gegarandeerd. Hier wil geen werker in de GGZ buiten blijven. 

Prof. Dr. Jan Derksen is klinisch psycholoog en vaste schrijver voor Discura. 

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Staat de patiŽnt wel centraal?

Enige tijd geleden sprak ik een vrijgevestigd klinisch psychologe over haar ervaringen binnen de geestelijke gezondheidszorg. Zij vertelde over een depressieve patiŽnte die zij wilde verwijzen naar de crisisdienst van de regionale GGZ-instelling. Zij vertelde dat zij deze patiŽnte niet kon/mocht doorverwijzen, dat de huisarts dat moest doen, maar dat die op vakantie was en zijn waarnemer de patiŽnte eerst wilde zien voordat hij zou kunnen doorverwijzen, dat deze waarnemer deze patiŽnte niet wilde doorverwijzen, omdat hij het met de diagnose niet eens was, dat de psychologe de patiŽnte toen presenteerde aan een bevriende psychiater, die patiŽnte vervolgens terstond verwees naar de crisisdienst, die de patiŽnte tijdelijk in behandeling nam, en om het af te sluiten niet met de klinisch psychologe, de behandelaar overlegde maar met de bevriende psychiater, die de patiŽnte na ťťn gesprek had doorverwezen, en haar nauwelijks kende.
Meer

Reageer |  reacties

Millennials missen een ontwikkeld backoffice

De Facebookgeneratie ofwel de millennials (geboren tussen 1980 en 2000) overbevolken onze GGZ. In tien jaar tijds nam bij deze generatie het slikken van antidepressiva met 40% toe. 72.000 zitten er vanwege arbeidsongeschiktheid thuis; in grote meerderheid gaat het om psychische themaís. In de GGZ trakteren wij ze op een etikettenepidemie: dyslexie, ADHD, ADD, hoogbegaafdheid, PTSS, autisme, Asperger, NLD, dyscalculie, borderline.
Meer

Reageer |  reacties

Voorkůmen is beter dan genezen

Denkt u eens na over het volgende rijtje: een jurist, een kantoorbeambte cq boekhouder, een rechtsgeleerde, een leraar, een voormalig metaalarbeider en vakbondsbestuurder, een arts, een jurist, een scheikundige, een voormalig secretaresse, een politicoloog en jurist, een TV-producer, een arts, een econoom, een historicus annex internationale betrekkingen-expert, een socioloog en een politicoloog. Weet u al waar ik op doel? Dat is de achtergrond van de ministers die de afgelopen 40 jaren Volksgezondheid in hun portefeuille hebben gehad.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten