Wat hebben we nog aan de evolutieleer

2 juni 2016

Veel mensen denken dat evolutieleer betekent ‘struggle for life’ en ze menen ook dat het allemaal om de DNA gaat. Nee, dat is statisch en ouderwets. Er is zelfs een roep om een evolutieleer 2.0. In het tijdschrift Nature van 8 oktober 2014 is daar een boeiende discussie over te vinden.

Het oude idee van evolutie was dat het leven zich ontwikkelt tot het past in een specifieke omgeving. Dat is statisch en simplistisch omdat het alle andere factoren die invloed hebben buitensluit. De ‘nieuwe’ evolutieleer is een indrukwekkende mix van lichaam, omgeving, gedrag, cultuur, geschiedenis, hormonen, neurotransmitters. Wij worden niet gestuurd door genen, maar in onze ecologische niche ontwikkelen we samen met onze omgeving. Dat concept zou als een primaire reflex in het denken van mensen die werken in de gezondheidszorg geÔntegreerd moeten zijn.

Voor dat vernieuwende inzicht zijn we dank verschuldigd aan het vele onderzoek dat gedaan is om de plotselinge opkomst van obesitas te begrijpen en aan het onderzoek van het microbioom van de darmen, de miljarden micro-organismen die het menselijke immuunsysteem mee bepalen en daarmee de gezondheid van de mens. Als je het goed begrijpt zie je een complex spel van vele factoren en je beseft dat mensen die simpele oplossingen beloven nader getoetst moeten worden op hun deskundigheid.

Het begint met het idee dat er tegenwoordig een mismatch is tussen genen en omgeving. De meeste genen die we hebben, helpen ons ondervoeding te voorkomen, zetten aan tot opname en sparen van energie en zijn dus in tijden van overvloed lastig. De zeer radicale omslag van onze leefomgeving stuurt het probleem aan. Onze cultuur is er een geworden van consumeren en genieten en stimuleert dat met volle kracht. De mens is veel meer gaan eten – en vooral zoet en vet – en is veel minder gaan bewegen. We leven bovendien voor het eerst in een omgeving waarin de voedselproductie in handen is gekomen van bedrijven die om onze gunst vragen en dat doen door ons te verleiden met nog zoetere, zoutere en vettere producten. Het is in zeer korte tijd ‘normaal’ geworden dat die overvloed er is en ons gedrag is daardoor veranderd. We kunnen ons nauwelijks verzetten tegen de overvloed en wie ‘faalt’ wordt verweten geen zelfbeheersing te hebben. David tegen Goliath. Daarbij zien we dat de sociaal zwakkeren in de samenleving er meer problemen door krijgen dan de mensen met hogere inkomens en betere opleidingen. Daar komt bij dat we in de 24-uurseconomie minder slapen, meer stress hebben waardoor er meer hormonen circuleren die aanzetten tot vrijkomen van suiker in de bloedbaan, iets dat bijdraagt aan het ontstaan van diabetes 2.

De bacteriŽn in onze darmen reageren op die eenzijdige voeding. De darmbevolking wordt minder divers en dat wordt nog eens erger als we – met name op jonge leeftijd – antibiotica gebruiken. De overgebleven micro-organismen in de darmen zijn niet passief, voor hen geldt ook die evolutieleer en ze zijn in om het systeem van neurotransmitters in het menselijke lichaam te beÔnvloeden: geef ons meer fastfood. Omdat micro-organismen zich veel sneller voortplanten dan die van mensen is de genetische ontwikkeling van de micro-organismen veel krachtiger.

Hoe los je dat op? Als er geen god is, dan moet de mens het doen en proberen de omgeving zo te veranderen dat die weer leefbaar wordt. Met behoorlijke kennis van de evolutie kun je besluiten nemen op gebied van de afhankelijkheid van voeding aan bedrijven die miljarden uit geven om ons te verleiden, om te zorgen dat we wel moeten lopen of fietsen als we thuis willen komen, om onze darmflora te herstellen, ons immuunstelsel te redden, en om de stress uit de omgeving te halen. En ga zo maar door, want de lijst is lang. De groene wereld waar onze genen bij behoren moeten we heroveren, ook in onze steden, zodat de evolutie weer een zich zelf regelend systeem wordt dat ons verder helpt.

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

Een zondebok aanwijzen helpt niet

In het boek ĎVeiligheid in de ggz. Leren van incidenten en calamiteitení dat psychiater Alette Kleinsman en calamiteitenonderzoeker Nico Kaptein onlangs publiceerden, komen drie lessen steeds weer terug. Een: het helpt niet om Ė in het geval van een ernstig incident of calamiteit Ė een zondebok te zoeken, want fouten worden gemaakt als sluitstuk van een proces waaraan allerlei professionals een bijdrage leveren. Twee: zorg voor een open cultuur waarin iedereen zich vrij voelt om elkaar aan te spreken. En drie: zorg ervoor dat iedereen zich verantwoordelijk voelt voor veiligheid.
Meer

Reageer |  reacties

Duizend bloemen, een paar teveel

Hoogleraar Jim van Os sprak recent in NRC Handelsblad zijn zorg uit over de achteruitgang van de psychiatrie in Nederland. Het toenemend aantal gevallen van euthanasie bij mensen met ernstige psychische aandoeningen is daar volgens hem een symptoom van. De verwaarlozing kost mensenlevens. Hij bepleit een focus op persoonlijk herstel. Marian Draaisma van zorginstelling Pluryn klaagde in dezelfde week in het AD over een verschuiving van werkzaamheden van de jeugdpsychiatrie naar de jeugdzorg. Dit verklaart volgens haar waarom het aantal suÔcides bij de betrokken jongeren nog nooit zo hoog is geweest. Ook hier gaat het om vragen over leven en dood. De oplossing ligt hier in de handen van gemeenten. En GGZ-instelling Emergis in Zeeland dreigde eind augustus met een behandelstop voor de rest van dit jaar. De zorgverzekeraar heeft te weinig zorg ingekocht.
Meer

Reageer |  reacties

FACT-werk en specialistische zorg in ťťn team

ĎBinnen GGZ Noord-Holland-Noord hebben we drie programmaís geschreven die de komende drie jaar hun beslag moeten krijgení, vertelt Marijke van Putten, lid van de raad van bestuur. ĎVoorheen werkten we via twee sporen: de FACT-teams en diagnostisch gerichte specialistische teams. Deze voegen we samen tot geÔntegreerde teams die wijk- en herstelgericht zijn. Teams met ervaringsdeskundigen en IPS-medewerkers die mensen begeleiden naar werk, maar ook met specialistische behandelkennis.í
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten