Huisarts op het hakblok

28 november 2013

Er komt een onafhankelijk onderzoek naar het optreden van het AMC, de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) en het Openbaar Ministerie (OM) in de zaak-Tuitjenhorn. Dat heeft minister Schippers dinsdag 12 november aangekondigd.

Twee doden
De zaak-Tuitjenhorn gaat over twee doden. De eerste is Theo Spaansen, een terminale patiŽnt met uitgezaaide slokdarmkanker. Zijn huisarts Tromp dient hem op 19 augustus 1000 milligram morfine en 350 milligram dormicum toe. Een dag later meldt de coassistent die stage loopt bij Tromp, aan het AMC dat ze bezwaren heeft tegen de manier waarop de huisarts te werk is gegaan. Haar stagebegeleider doet melding bij de IGZ, dat het OM op de hoogte stelt. Op 26 augustus tegen middernacht wordt Tromps huis doorzocht en zijn praktijk overhoop gehaald. Een week later wordt de arts ‘moord’ ten laste gelegd.
Nico Tromp krijgt suÔcidale gedachten en laat zich van 5 tot 20 september opnemen in een psychiatrische kliniek. Tijdens dit verblijf wordt hij tweemaal door justitie verhoord. Begint oktober bepaalt IGZ dat Tromp niet meer mag werken als huisarts. IGZ noemt de huisarts in zijn bevel een ‘acuut gevaar voor de patiŽntveiligheid’. Tromp is de tweede dode. Hij pleegt op 7 oktober zelfmoord.

Brief
Cruciaal in het hele verhaal is de brief van de coassistent. De brief die voor alle betrokken instanties reden was om onmiddellijk actie te ondernemen, in plaats van eerst contact met huisarts Tromp te leggen. De brief die prominent in de Volkskrant verscheen, met de kop ‘Co-assistent: “Hij trok wel eens een zak over iemands hoofd”’. Een zin die, volgens het verhaal dat weduwe Anneke Tromp op zaterdag 9 november bij Nieuwsuur doet, ťťn grote misinterpretatie is (iets wat een doktersassistente en een praktijkondersteuner aan de redacteuren van Nieuwsuur bevestigen).

Onjuist, onvolledig en onbegrijpelijk
Hoe kan het dat de aantekeningen van de coassistent zoveel gewicht krijgen? Waarom worden ze onmiddellijk voor waar aangenomen, en niet gecheckt op (on)juistheid en (on)volledigheid? Waarom is de huisarts zelf niet om zijn versie van de gebeurtenissen gevraagd? Waarom wordt naar een coassistent wel geluisterd, en naar een huisarts met 22 jaar ervaring niet? Onbegrijpelijk.
Hoe kan het dat iemand die is opgenomen omdat hij suÔcidaal is, tijdens die periode twee keer wordt verhoord door vertegenwoordigers van een instantie die (mede) heeft bijgedragen aan het ontstaan van die suÔcidale gedachten? Waarom is daar niemand vierkant voor gaan liggen? Ook onbegrijpelijk.
Waarom werden er zware termen gebruikt zoals ‘moord’ en ‘een acuut gevaar voor de patiŽntveiligheid’? Was dat uit oprechte bezorgdheid dat huisarts Tromp de volgende dag met zijn heliumtankje en een tas vol plastic zakken in de achterbak zijn patiŽnten ging omleggen? Of was dat om zogenaamd daadkrachtig uit de hoek te komen?
Hoe is het mogelijk dat al deze instanties – AMC, IGZ, OM – zonder mankeren deden wat ze hebben gedaan? Waarom trapte er nergens iemand op de rem?
Even onbegrijpelijk.

Tunnelvisie
Op dit forum worden regelmatig bijdragen geplaatst over de (betrekkelijke) waarde van richtlijnen en protocollen in de zorg. Ik vraag me af of er een richtlijn is die vertelt hoe er moet worden gehandeld in dit soort gevallen. Je zou denken dat wederhoor normaal is en criminalisering op grond van ťťn bron niet, maar blijkbaar is dat niet zo. Kennelijk had iedereen die bij de zaak betrokken was, zijn oordeel al klaar: deze huisarts moest op het hakblok. Wanneer zo’n idee zich eenmaal in ieders hoofden heeft vastgezet, kan het snel gaan. Een verkokerde blik zorgt voor grote eensgezindheid en snelheid van handelen. Informatie wordt selectief gebruikt en/of binnen een bevooroordeeld kader geÔnterpreteerd. En dan is een veroordeling alleen nog maar een kwestie van tijd.
Dat een tunnelvisie kan leiden tot foute besluiten en onterechte veroordelingen, is al langer bekend. Helaas merken we deze manier van denken soms wel bij anderen op, maar zelden bij onszelf. Zelf zetten we de boel gewoon goed op een rijtje, scheiden we zin van onzin, en werken we op een logische manier naar een conclusie toe. Dat het beeld dat we in ons hoofd hebben daarbij sturend is – zoals ‘deze huisarts is een gekke gozer die heel foute dingen heeft gedaan’ – (h)erkennen we vaak niet, omdat we dankzij die verkokerde blik informatie selecteren die dat beeld bevestigt.

Tegenspraak
Minister Schippers heeft een onafhankelijk onderzoek aangekondigd, en dat is heel goed. Hopelijk wordt vervolgens ook op een rijtje gezet onder welke voorwaarden wťl sprake kan zijn van zorgvuldig handelende instanties. Daarbij is er in elk geval ťťn heel belangrijk: organiseer tegenspraak. Zorg ervoor dat er altijd iemand is die lastige vragen stelt. En leg vast dat die lastige vragen bevredigend beantwoord moeten zijn voordat een volgende stap mag worden gezet. In een sector die de mond vol heeft van preventie, moet dat toch te regelen zijn.

Malou van Hintum 

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

FACT-werk en specialistische zorg in ťťn team

ĎBinnen GGZ Noord-Holland-Noord hebben we drie programmaís geschreven die de komende drie jaar hun beslag moeten krijgení, vertelt Marijke van Putten, lid van de raad van bestuur. ĎVoorheen werkten we via twee sporen: de FACT-teams en diagnostisch gerichte specialistische teams. Deze voegen we samen tot geÔntegreerde teams die wijk- en herstelgericht zijn. Teams met ervaringsdeskundigen en IPS-medewerkers die mensen begeleiden naar werk, maar ook met specialistische behandelkennis.í
Meer

Reageer |  reacties

Psychisch gezond in een opgewarmde aarde

Discussieforum over professionaliteit in de zorg voor medisch specialisten, artsen, psychologen, bestuur en management. Van Der Hoef & Partners biedt u een platform, of forum, dat gebruikt zal worden om themaís die van belang zijn bij de dagelijkse praktijk van de geneeskunde te belichten. Een ruimte voor het voeren van een discours.
Meer

Reageer |  reacties

Het is ontegenzeggelijk de schuld van de manager; of niet soms?

In haar column in Medisch Contact van juni 2017 probeert Esther van Fenema aan een peuter uit te leggen wat een manager doet: ĎEen manager is een meneer of een mevrouw die dingen regelt en heel veel moet vergaderen met andere mensen om die dingen te kunnen regelení waarop de kleuter stampvoetend roept: ĎJa maar wat kan hij dan?í. Ik vroeg me af hoe zij aan diezelfde peuter zou uitleggen wat een psychiater doet? Ik neem aan dat zij het zo zou weten uit te leggen dat die peuter ervan overtuigd is, dat een psychiater heel wat kan ook al zegt men - dat zijn vooral chirurgen - dat een psychiater niets weet en niets kan.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten