Psychisch gezond in een opgewarmde aarde

27 juli 2017

In 1717, precies 300 jaar geleden, werd de Groningse kust geteisterd door wat de Kerstvloed is gaan heten. Het was de grootste natuurramp in de afgelopen eeuwen, groter dan de Watersnoodramp van 1953. Duizenden mensen verdronken, samen met hun vee. Het gebeurde in een tijd dat er nog geen Deltawet was. De psychische opvang voor de overlevenden was uiteraard minimaal. Of zo'n ramp ons de komende tijd weer te wachten staat is onbekend. Maar zeker is wel dat het klimaat verandert, de zeespiegel stijgt en dat wij, onze kinderen en zeker de kinderen van onze kinderen zeer ingrijpende gevolgen daarvan zullen merken.

De meeste mensen benaderen het klimaat als iets wat betrekkelijk ver van hun af staat. In diverse delen van de wereld is het echter al bepalend voor het dagelijks leven. Nu al vluchten veel mensen naar gebieden met een milder klimaat. De verwachting is dat we de komende decennia enorme migratiestromen naar Noordwest-Europa zullen meemaken. Ook in onze gebieden zal de klimaatverandering merkbaar zijn. Het weer wordt onstuimiger en door de onderlinge samenhang zullen wij veranderingen van het klimaat elders in de wereld in onherroepelijk ervaren. Het is straks niet zeker of wij 's morgens nog koffie hebben – de koffieplant wordt bedreigd door de klimaatverandering. De afname van de voor wijnproductie geschikte grond kan volgens onderzoekers dramatische vormen aannemen. En ook onze nachtrust staat onder druk als wij geregeld te maken krijgen met hittegolven. Verder neemt de kans op (besmettelijk) ziekten toe.

Wellicht komen wij of de generatie na ons voor de situatie te staan dat we moeten vluchten en ons afvragen waarheen. Vangt iemand ons dan op? En is elders de professionele hulp bij trauma's goed geregeld?

Wetenschappers zijn goed op de hoogte van de ontwikkelingen in het klimaat en kunnen, binnen bepaalde marges, voorspellen hoe de situatie is over bijvoorbeeld 50 jaar. Er zijn rapporten over de directe en indirecte gevolgen van de klimaatverandering en ook de gevolgen voor de (psychische) gezondheid zijn in internationale publicaties in kaart gebracht. Bij elkaar genomen geven die genoeg redenen om ons voor te bereiden, ook als psychische gezondheidszorg, op deze veranderingen.

Helaas is de aandacht voor de omgeving in de psychische gezondheidszorg beperkt. De waan van de dag viert hoogtij. Hoewel het niet zo moeilijk is om de gevolgen van de klimaatverandering voor de psychische gezondheid uiteen te zetten is er niets dat erop wijst dat de sector zich hier serieus op voorbereid. Klimaatverandering zal fysieke en sociaaleconomische gevolgen hebben die ook schadelijk zijn voor de psychische gezondheid van de bevolking. Niet dat er nieuwe stoornissen ontstaan, maar de kans dat veel voorkomende problemen zullen verergeren, in bijzonder bij mensen die nu al kwetsbaar zijn, neemt toe. Kinderen, ouderen, zwangere vrouwen of mensen in sociaaleconomisch ongunstige posities lopen een verhoogd risico.

We moeten ons hierop voorbereiden. Vanuit de gezondheidszorg kunnen we de verandering van het klimaat niet beÔnvloeden. Maar we hebben volgens mij wel de mogelijkheid om de veerkracht van mensen te bevorderen. We kunnen voorzieningen treffen voor eerste opvang en behandeling van slachtoffers. In opleidingen kunnen we klimaatverandering en de gevolgen daarvan voor de psychische gezondheid opnemen als een thema. Kenniscentra kunnen inventariseren welke gevolgen we in de komende jaren kunnen verwachten.

Op de websites van het Trimbos-instituut, GGZ Nederland, NVvP (psychiaters), het NIP (psychologen) en V&VN (verpleegkundigen) is nog niets te vinden over klimaatverandering of de opwarming van de aarde. Dat kan beter. We moeten de kennis over klimaatverandering toe-eigenen en vertalen in competenties, handelen, en de ontwikkeling van strategieŽn en voorzieningen op het vlak van de psychische zorg. We kunnen onze stem laten horen in het publieke debat. Verder kunnen we onze kennis over het bevorderen van veerkracht (in het bijzonder bij kinderen) verspreiden en mensen helpen bij het cultiveren van vaardigheden om in crisissituaties goed voor zichzelf en anderen te zorgen. Laten we er ook mee ophouden om telkens naar het andere kant van de wereld te vliegen voor een congres, - video-conferenties sparen de aarde. Ook moeten we erover nadenken hoe psychologische kennis ertoe kan bijdragen dat het gevoel van hulpeloosheid met betrekking tot de klimaatverandering zich niet doorzet. Wie zich hulpeloos voelt, blijkt minder geneigd er wat aan te doen.

Maar laten we beginnen kritisch naar ons eigen gedrag te kijken en onze ecologische voetafdruk verminderen. Ruim 100 jaar geleden schreef Mark Twain: "Iedereen moppert over het weer, maar niemand doet er wat aan." Zo'n houding kunnen wij ons wat de klimaatverandering betreft niet veroorloven!

Vacatures

MEER OVER DEZE VACATURE >>

Opinie

FACT-werk en specialistische zorg in ťťn team

ĎBinnen GGZ Noord-Holland-Noord hebben we drie programmaís geschreven die de komende drie jaar hun beslag moeten krijgení, vertelt Marijke van Putten, lid van de raad van bestuur. ĎVoorheen werkten we via twee sporen: de FACT-teams en diagnostisch gerichte specialistische teams. Deze voegen we samen tot geÔntegreerde teams die wijk- en herstelgericht zijn. Teams met ervaringsdeskundigen en IPS-medewerkers die mensen begeleiden naar werk, maar ook met specialistische behandelkennis.í
Meer

Reageer |  reacties

Psychisch gezond in een opgewarmde aarde

Discussieforum over professionaliteit in de zorg voor medisch specialisten, artsen, psychologen, bestuur en management. Van Der Hoef & Partners biedt u een platform, of forum, dat gebruikt zal worden om themaís die van belang zijn bij de dagelijkse praktijk van de geneeskunde te belichten. Een ruimte voor het voeren van een discours.
Meer

Reageer |  reacties

Het is ontegenzeggelijk de schuld van de manager; of niet soms?

In haar column in Medisch Contact van juni 2017 probeert Esther van Fenema aan een peuter uit te leggen wat een manager doet: ĎEen manager is een meneer of een mevrouw die dingen regelt en heel veel moet vergaderen met andere mensen om die dingen te kunnen regelení waarop de kleuter stampvoetend roept: ĎJa maar wat kan hij dan?í. Ik vroeg me af hoe zij aan diezelfde peuter zou uitleggen wat een psychiater doet? Ik neem aan dat zij het zo zou weten uit te leggen dat die peuter ervan overtuigd is, dat een psychiater heel wat kan ook al zegt men - dat zijn vooral chirurgen - dat een psychiater niets weet en niets kan.
Meer

Reageer |  reacties

Nascholingstrajecten